Tony Martin sluit zijn carrière af met goud! Dit is zijn straffe palmares

    Martin en zijn ploegmaats vieren de wereldtitel.

    Tony "Der Panzerwagen" Martin stopt ermee. En hoe?! Op zijn laatste dag als profrenner pakt hij het goud in de gemengde ploegentijdrit. De Duitser is vooral bekend geworden als beresterke tijdrijder, maar wist tijdens zijn loopbaan ook enkele rittenkoersen op zak te steken. 

    "Nu is het tijd om te vieren!"

    "Om van het toneel te verdwijnen met goud is het beste einde dat ik me kon inbeelden", vertelt hij na afloop van de ploegentijdrit. "Ik ben het team heel dankbaar, zeker de vrouwen maakten het verschil. Ik heb trouwens enorm van de hele week genoten. Nu is het tijd om te vieren."

     

    "En nu? Morgen keer ik huiswaarts. De beslissing om met pensioen te gaan is nog vrij recent. Ik heb dan ook nog geen plannen, maar ik blijf er relaxed onder."

    Video: de laatste meters van Tony Martin als profrenner

    Zijn palmares

    Tony Martin won 67 wedstrijden (waarvan 50 tijdritten), reed mee in 21 grote rondes (13 keer de Tour, 3 keer de Giro en 5 keer de Vuelta) en 10 klassiekers. 

    4 keer individueel wereldkampioen tijdrijden

    2009 brons Mendrisio
    2010 brons Geelong
    2011 goud Kopenhagen
    2012 goud Valkenburg
    2013 goud Firenze
    2014 zilver Ponferrada
    2016 goud Doha

    3 keer wereldkampioen ploegentijdrijden (met Quick-Step)

    2012 goud Valkenburg
    2013 goud Firenze
    2014 brons Ponferrada
    2015 zilver Richmond
    2016 goud Doha

    10 keer Duits kampioen tijdrijden

    Hij won in 2010, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017, 2018, 2019 en 2021.

    Andere belangrijkste zeges

    Tony Martin won 5 etappes in de Ronde van Frankrijk, 4 etappes in de Ronde van Spanje en 4 etappes in de Ronde van Zwitserland.

     

    De Duitser stak ook enkele eindzeges in een rittenkoers op zak: 

    • Parijs-Nice: 2011
    • Ronde van België: 2012, 2013 en 2014
    • Eneco Tour: 2010
    • Ronde van de Algarve: 2011 en 2013
    • Ronde van Peking: 2011 en 2012

     

    Lees ook: