• home
  • video
  • pas verschenen

    "Mathieu van der Poel is niet de ultieme atleet, wel de meest polyvalente"

    Met zijn overwinning in de laatste aflevering van het Vier-programma Container Cup onderstreepte Mathieu van der Poel nog maar eens zijn status van alleskunner. Maar mogen we hem daarom de ultieme atleet noemen? Wij legden ons oor te luisteren bij Jan Bourgois, professor inspanningsfysiologie aan de Universiteit van Gent.

    Uithoudingsatleten steken erboven uit

    Als we hem de stelling voorleggen dat Mathieu van der Poel nu de ultieme atleet zou zijn, nuanceert professor Bourgois meteen.

     

    "Eigenlijk is dat niet zo. Sport is een combinatie van zoveel factoren: uithouding, kracht, lenigheid, snelheid en coördinatie. En in verschillende sporten zijn bepaalde factoren dominanter dan andere."

     

    Maar van Mathieu van der Poel, Wout van Aert en Tim Brys verwachtte Bourgois wel veel in dit programma.

     

    "Dat zijn mensen waarvan ik weet dat ze sowieso hoog zouden scoren omdat hun fysiologische waarden hoger zijn dan de rest. Er zaten proeven in die specifiek op hun lijf geschreven zijn. Lopen, fietsen en roeien zijn typische duursporten waarin ze uiteraard heel goed scoren."

    Wie wint de individuele proeven? Eigenlijk is er dan maar 1 die bij de eerste 5 staat en dat is roeier Tim Brys.

    professor Jan Bourgois

    Professor Bourgois analyseert nog wat meer. "Wie wint de individuele
    proeven? Eigenlijk is er dan maar 1 die bij de eerste 5 staat en dat is roeier Tim Brys."

     

    "Dat komt omdat al die sporten in de Container Cup een beroep doen op alle lichamelijke basisfactoren. Maar het zijn ook atleten die soms buiten hun eigen sport nog andere sporten gaan doen. Tim Brys is daar het beste voorbeeld van. Die doet naast roeien ook fietstraining en krachttraining."

     

    Maar het is geen verrassing dat er 6 wielrenners bij de eerste 10 staan. "Er hebben wel veel wielrenners deelgenomen", lacht Bourgois. "Maar wielrennen is inderdaad een kracht- en uithoudingssport geworden. Vroeger was het meer uithouding, maar tegenwoordig gaat het om kracht en vermogens draaien."

    roeier Tim Brys

    roeier Tim Brys

    Een portie geluk bij de technische onderdelen helpt

    De Container Cup heeft enkele weken in beslag genomen om op te nemen en volgens de professor is het ook niet onlogisch dat hierdoor sommige atleten wat in het voordeel waren. 

     

    "Er zullen er wel geweest zijn die misschien specifiek op dingen getraind hebben, zoals het golfen en het schieten. Als je nog nooit een club in je hand gehad hebt, is het niet zo evident."

     

    "Je ziet duidelijk dat er in het golfen en schieten veel punten gewonnen of verloren werden. De beste fysiologische atleten eindigden allemaal bovenaan en diegene die het meeste “geluk” had bij de technische proeven, haalde de bovenhand."

     

    Jan Bourgois plaatst wel nog een kanttekening bij het schieten: "Dat het schieten na de roeiproef kwam is heel bepalend."

     

    "Het is een kunst om, zoals biatleten, je hartslag naar beneden te halen. Ook dat is een onderdeel van topsporter zijn. Van der Poel is, als je het mij vraagt, in dit opzicht de meest polyvalente atleet."

    "Niet verwonderd dat Thibau Nys de Borlées klopt"

    Professor Bourgois zag ook dat enkele niet-duursporters knappe prestaties leverden. "Als je kijkt naar Simon Mignolet, die als doelman toch een heel goeie loopproef aflegt, of de prestaties van de hockeyspelers, dan zie je dat die ook hun specifieke kwaliteiten hebben, maar dat de uithoudingsatleten er wel bovenuit steken."

     

    De jongste uithoudingsatleet, Thibau Nys, klopte trouwens alle broers Borlée in de loopproef. Toch is dit volgens Jan Bourgois niet verwonderlijk. "De Borlées zijn anaeroob getrainde sporters en die krijgen het heel moeilijk vanaf 600 meter en die sterven op een 1.500 meter.  Een 1.500 meter-loper traint heel anders dan een 400 meter-loper."

     

    "De eerste doet meer lange duurlopen aan lage intensiteit, terwijl de Borlées meer focussen op tempo, loopritme en snelheid. Dus daarom kunnen aerobe duursporters beter presteren op de 1.500 meter. Op een kortere afstand zou dat helemaal anders geweest zijn." 

    Triatleten ontbreken in de Container Cup

    Tot slot vindt professor Bourgois het heel jammer dat er geen triatleten hebben meegedaan in de Container Cup.

     

    "Dat zijn toch ook atleten uit een sport op wereldniveau. In de jaren 90 was deze sport nog niet zo groot, maar nu is het zelfs olympisch geworden en je hebt verschillende afstanden: kwart-, halve- en volledige triatlon, een Iron Man."

     

    "Die atleten zijn ook in drie verschillende sporten getraind,  zwemmen, fietsen en lopen. Daarenboven trainen die ook op alternatieve zaken zoals kracht."

     

    "Zij zouden dus in deze Container Cup zeer hoog gescoord hebben. Bovendien zijn het ook nog eens lichtgewichten en zoals je in de eindstand kan zien, zijn de toppers op enkele uitzonderingen na allemaal lichtgewichten."