• home
  • video
  • pas verschenen

    Belgisch voetbalgoud, een gestolen vlag en zatte atleten: 7 weetjes over de Olympische Spelen in Antwerpen

    openingsceremonie

    De openingsceremonie vond plaats op 14 augustus 1920 in het Olympisch Stadion van Antwerpen, ook bekend als het Beerschotstadion.

    Exact 100 jaar geleden werd de allereerste wedstrijd gespeeld op de Olympische Spelen van Antwerpen. Op 23 april 1920 kreeg België een 8-0 om de oren in het ijshockey, want ook wintersporten stonden toen op het programma in de havenstad. Met 7 weetjes over de Spelen van de 7e olympiade reizen we terug in de tijd.

    Het journaal: 100 jaar geleden gingen Spelen in Antwerpen van start

    1. Wintersporten in het IJspaleis

    De eerste Winterspelen zijn voor 1924 en dus vinden in 1920 in Antwerpen ook nog wedstrijden op ijs plaats. Het IJspaleis, een omgebouwde rolschaatspiste vlakbij het Theaterplein, vormt een week lang het decor voor kunstschaatsen en ijshockey.

     

    Op 23 april 1920 opent de Belgische ijshockeyploeg de Olympische Spelen in Antwerpen met een wedstrijd tegen Zweden. Ze verliezen met 8-0.

     

    Daarmee is België ook meteen uitgeschakeld. Zweden verliest pas in de finale. Canada, vertegenwoordigd door de Winnipeg Falcons, wint de match om het goud met 12-1.

    Canadese ijshockeyploeg

    De Canadese ploeg verovert in Antwerpen het allereerste ijshockeygoud op de Olympische Spelen. © Sportimonium

    De Amerikaanse ijshockeyploeg

    De Amerikaanse ijshockeyploeg. © Sportimonium

    ijshockeyploeg Tsjechoslovakije

    De olympische ijshockeyploeg uit Tsjechoslovakije. © Sportimonium

    2. Primeur: olympische vlag en olympische eed

    De openingsceremonie vindt maanden na het ijshockey- en schaatstoernooi plaats. Op zaterdag 14 augustus 1920, een van de mooiste dagen tijdens een regenachtige zomer, kunnen de Olympische Spelen ook officieel van start gaan.


    In het vernieuwde Beerschotstadion, onder het waakzame oog van koning Albert I, serveert Antwerpen 2 primeurs. De Belgische stad mag als eerste de olympische vlag hijsen tijdens de Spelen. Op die vlag staan 5 ringen afgebeeld, een ontwerp van IOC-voorzitter Pierre de Coubertin.

     

    De vlag inspireert ook de Amerikaanse schoonspringer Harry Prieste. Hij klimt in de vlaggenmast om het hebbeding mee naar huis te nemen. Pas 77 jaar later biecht Prieste de kwajongensstreek op.

    De (diefstal) van de olympische vlag in Antwerpen:

    Ook nieuw is de olympische eed. Tijdens de openingsceremonie debiteert de Belgische schermer Victor Boin een tekst in naam van alle atleten. 

     

    Boin krijgt de eer als gentleman en als alleskunner. Na successen met het Belgische waterpoloteam in 1908 en 1912 is hij in Antwerpen goed voor zilver in het degenschermen. Later zal Boin de Belgische Sportfederatie van Gehandicapten mee oprichten en het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité (BOIC) leiden.

    Victor Boin

    De Belgische schermer Victor Boin legt als eerste de olympische eed af.

    De olympische eed van Victor Boin:

    Wij zweren dat wij ons op de Olympische Spelen aanbieden als loyale tegenstanders, met eerbied voor de uitgevaardigde reglementen en in een geest van ware sportiviteit, tot eer van ons land en tot glorie van de sport.

    openingsceremonie

    De openingsceremonie op 14 augustus 1920.

    De atleten marcheren over de atletiekpiste.

    Koning Albert I

    Koning Albert I is de eregast.

    3. 14 olympische titels voor België

    De Belgische delegatie oogst de ene medaille na de andere in Antwerpen. Tijdens de eerste na-oorlogse Olympische Spelen - met 29 landen en 22 sporten - is ons land goed voor 14x goud, 11x zilver en 11x brons.

     

    Vooral de boogschieters zijn succesvol. Zij veroveren 8 gouden, 4 zilveren en 2 bronzen medailles. Toegegeven, de enige tegenstanders komen uit de buurlanden Frankrijk en Nederland.

     

    De meeste aandacht gaat naar de olympische titel voor de Belgische voetbalploeg. Het Olympisch Stadion van Antwerpen zit afgeladen vol voor de finale, toeschouwers kruipen zelfs onder de omheining om de match te zien.

     

    Lang duurt die niet. Nog voor de pauze blaast de scheidsrechter de wedstrijd al af. Bij een 2-0-stand verlaat Tsjechoslovakije het terrein omdat ze misnoegd zijn over de arbitrage. Tot de dag van vandaag is het de enige finale van een groot voetbaltoernooi die niet wordt uitgespeeld.

    voetbalwedstrijd tijdens de Olympische Spelen van 1920

    Het olympisch voetbaltoernooi vindt plaats in Antwerpen, in Gent en in Brussel.

    VIDEO: België olympisch voetbalkampioen

    4. Zatte atleten

    De Nederlandse voetbalploeg gaat met brons én met een pak sterke verhalen naar huis. Onze noorderburen bouwen flink wat feestjes in Antwerpen. Dat doen ze nog altijd, maar in 1920 maken ze het wel erg bont.

     

    "De Schande van de Schelde", titelt de Nieuwe Rotterdamse Courant. De Nederlandse voetballers trekken de havenbuurt in en trakteren zichzelf op meiden en emmers champagne.

     

    "Veel atleten hadden 4 jaar aan het front gestreden in de Eerste Wereldoorlog", weet professor en sporthistoricus Roland Renson. "De Spelen waren een ontlading. Er werd duchtig gevierd in Antwerpen."

    De Olympische Spelen van 1920 waren een ontlading na de Eerste Wereldoorlog. Er werd duchtig gevierd in Antwerpen.

    Professor en sporthistoricus Roland Renson

    5. Zwemmen tussen de ratten

    De Amerikanen schoppen geen keet, maar ze maken zich wel flink boos. Het begint op hun boot op de Atlantische Oceaan. Het schip heeft dienst gedaan om gesneuvelde soldaten te repatriëren. Aan boord hangt een sterke geur van zwaar ontsmettingsmiddel en er lopen ratten rond, die ze te lijf gaan met lege flessen.

     

    De knaagdieren blijven de Amerikanen achtervolgen. Ook in het olympisch zwembad, een openluchtbassin in een gracht waar nu het Wezenbergbad ligt, zien de atleten ratten.

     

    Daarnaast klaagt het zwemteam uit de Verenigde Staten over donker en ijskoud water. Bij momenten geeft de thermometer niet meer dan 16 graden Celsius aan in het bad.

    olympisch zwemtoernooi in 1920

    Het olympisch zwemtoernooi vindt plaats in "donker en ijskoud water".

    Het belet Ethelda Bleibtrey niet om elke vrouwenwedstrijd te winnen. De 18-jarige Amerikaanse is de snelste op de 100, de 300 en de 4x100 meter vrije slag, telkens in een wereldrecord.

     

    "Ik was toen ook 's werelds snelste in het rugslagzwemmen, maar die discipline stond niet op het programma voor vrouwen", vertelt Bleibtrey later.

    olympische duiktoren

    Het olympisch openluchtbad in een afgezette gracht is 100 meter lang en er staat ook een duiktoren.

    6. De Vliegende Fin, Suzanne Lenglen en de kangoeroe

    Tijdens de Spelen in 1920 maken de schaarse toeschouwers - tickets van 3 frank zijn te duur voor Jan met de pet - kennis met een nieuwe atletiekster: Paavo Nurmi. De 23-jarige Fin begint 100 jaar geleden aan zijn indrukwekkende carrière.

     

    In Antwerpen loopt Nurmi naar goud op de 10.000 meter, in de veldloopwedstrijd en in de cross met het Finse team. Enkel op de 5 kilometer moet hij de Franse oorlogsveteraan Guillemot voor zich dulden.

     

    In 1924 en 1928 doet Nurmi er 6 gouden en 2 zilveren medailles bij. De "Vliegende Fin" staat nog altijd in de boeken als een van de sterkste langeafstand­lopers ooit, met 22 wereldrecords op zijn naam.

     

    Die successen komen niet uit de lucht vallen. In Antwerpen zien ooggetuigen hem trainen met een nieuwigheid. Nurmi loopt over de piste met een chronometer in zijn hand.

    Paavo Nurmi

    In Antwerpen begint de olympische carrière van de Vliegende Fin Paavo Nurmi.

    In het tennis duldt Suzanne Lenglen geen tegenstand. Op de grasterreinen van de Beerschot Tennis Club laat de 21-jarige Française slechts 4 games liggen op weg naar de olympische titel.

     

    Ook in het dubbelspel blinkt Lenglen uit met goud in het gemengd en brons in het dubbelspel voor vrouwen.

     

    Daarna stopt de olympische teller voor de Franse tennisster. Niet omdat ze niet meer presteert, maar wel tennis van het olympisch programma verdwijnt tot in 1988.

     

    Lenglen grossiert ook in titels op Wimbledon en Roland Garros: 25 in totaal. Op het Franse grandslamtoernooi krijgt de winnares nu de Coupe Suzanne Lenglen en het op een na grootste stadion draagt haar naam: de Court Suzanne Lenglen.

     

    Lenglen wordt ook herinnerd voor haar gewaagde outfit. In de jaren 20 komt de Parisienne het terrein met korte mouwen en een decolleté. "Schande", zegt de ene, "goddelijk", vindt de andere.

    Suzanne Lenglen

    Tennisster Suzanne Lenglen verliest slechts 4 games in het enkelspel.

    In de sprintnummers is Charley Paddock de held. De 20-jarige Amerikaan loopt naar goud op de 100 meter (in 10"6), zilver op de 200 meter en goud op de 4x100 meter.

     

    Het publiek is wild van zijn spectaculaire finish. Paddock gooit zich telkens als een kangoeroe over de streep. Later zal wel blijken dat zijn handelsmerk hem enkele honderdsten kost.

    7. Verdwenen: korfbal, touwtrekken en springen over paarden

    In 1920 vinden wedstrijden plaats die 100 jaar later niet meer op het olympische programma staan. Korfbal is een demonstratiesport in Antwerpen. In de enige wedstrijd klopt het Nederlandse team uit Zuid-Holland de collega's uit Amsterdam met 2-0.

     

    De krachtpatsers doen in Antwerpen voor de 5e en laatste keer aan touwtrekken op de Olympische Spelen. Twee teams van 8 atleten nemen het telkens tegen mekaar op.

     

    Het Britse team (met politieagenten) wint elke wedstrijd met 2-0. In de finale trekken ze de Nederlanders over de streep, België sleept de 3e plaats uit het vuur.

    wedstrijd touwtrekken

    Touwtrekken staat de laatste keer op het olympische programma.

    Uniek op de Olympische Spelen van Antwerpen zijn de voltigewedstrijden in de paardensport. De atleten - voltigeurs worden ze genoemd - moeten allerlei kunstjes uithalen, ze springen zelfs over de paarden.

     

    België wint in 1920 zowel de individuele wedstrijd als de teamcompetitie. Daarna verdwijnt het onderdeel weer van het olympisch programma.

    Deze atleet/ruiter springt over paarden.

    Ook kunstwedstrijden stonden 100 jaar geleden op het programma. Voor hun werken in de categorieën muziek, literatuur, architectuur, schilderen en beeldhouwen moesten de deelnemers zich laten inspireren door de sport. 

    VIDEO: Reportage over Antwerpen 1920 uit 1968

    Uit het programma Goud, zilver en brons.

    VIDEO: Terugblik op Spelen van Antwerpen in 2008

    Unieke foto's van Antwerpen 1920:

    schutters

    Schieten op lopende herten doen de olympiërs in het militair domein in Brasschaat.

    speerwerper

    De Fin Jonni Myyrä wint het speerwerpen.

    rugby

    De rugbywedstrijd tussen de Fransen en de Amerikanen.

    turnen

    Turnen in het olympisch stadion.

    Italiaanse baanwielrenners

    Italiaanse baanwielrenners.

    Een pistier.

    Kogelstoten.

    start marathon

    De start van de marathon.

    Hannes Kolehmainen

    Na een tocht door Wilrijk, Aartselaar, Reet, Rumst, Walem, Waarloos en Kontich loopt de Fin Hannes Kolehmainen naar goud.

    Verspringen

    Verspringen.

    polsstokspringen

    Polsstokspringen.

    hamerslingeren

    Hamerslingeren.

    snelwandelen

    Snelwandelen.

    Albert Hill

    De Brit Albert Hill wint de 800 meter.