Tsjoen na crash in Ieper: "Waren niet zo snel onderweg, bewoonster toonde begrip"

    De rally van Tsjoen was voorbij toen zijn zijn auto tegen een garage knalde.

    Pieter Tsjoen en Eddy Chevaillier crashten zaterdagochtend in de openingsrit van de Rally van Ieper tegen de garage van een huis. Copiloot Chevaillier hield een fractuur van een ruggenwervel over aan de crash. De bewoonster van het getroffen huis, toonde volgens de rijders begrip.

    Pieter Tsjoen en Eddy Chevaillier zijn twee ervaren rijders in de rallysport. Tsjoen is de enige die erin geslaagd is om de Rally van Ieper te winnen als rijder en als co-rijder. In 2001 won de achtvoudig kampioen van België de Rally van Ieper aan het stuur van een Toyota Corolla

     

    In 2017 las hij de nota's bij de Nederlander Kevin Abbring en loodste hem met al zijn ervaring naar diens eerste zege. Chevaillier heeft een rijk verleden in de rally en rallyraid.

     

    "En toch hebben we ons laten verrassen", zegt Pieter Tsjoen over zijn crash. "Ik zou de tussentijden er eens op moeten nakijken, maar we waren niet eens zo snel onderweg. Op een bepaald moment duik ik de koord in, word ik er vervolgens brutaal uitgegooid en kom ik 10 meter verder abrupt tot stilstand tegen een garage van een huis. De impact was enorm." 

     

    "Toen we uit de wagen stapten werd de schade aan wagen en garage duidelijk. De bewoonster van het huis toonde begrip, was bezorgd om onze situatie en bood ons een stoel aan. Mogelijke oorzaak dat we zo brutaal uit de koord geworpen werden kan zijn dat de Polo een stuk lager bij de grond ligt dan de Skoda."

     

    De hulpdiensten waren snel ter plaatse en brachten Tsjoen en Chevaillier naar een nabijgelegen ziekenhuis. "Na een reeks onderzoeken werd duidelijk dat Eddy een ruggenwervel gebroken heeft. Het is een mooie breuk die doormiddel van het dragen van een korset zal helen. Probleem is dat de persoon die zo'n korset maakt pas maandag in het ziekenhuis is waardoor Eddy nog enkele dagen in het ziekenhuis moet blijven." 

     

    "Ik moet nog enkele onderzoeken ondergaan waarna ik in de late namiddag wellicht naar huis mag."

    De bewoonster van het huis toonde begrip, was bezorgd om onze situatie en bood ons een stoel aan.