Zijn Roeselare en Maaseik niet meer onaantastbaar? "De top is veel vlakker geworden"

    Roeselare en Maaseik keken elkaar zaterdag in de ogen.

    Wie aan onze vaderlandse competitie denkt, noemt Roeselare en Maaseik in één adem en daarna blijft het veelal stil. De twee grootmachten domineren al jaren het Belgische volleybal, maar ze werden vorige week wel uit de beker gewipt. Zijn ze hun aura van onoverwinnelijkheid kwijt? Sportweekend zocht het uit.

    Maaseik won zaterdag de oerklassieker tegen Roeselare met 3-2. Met 13 punten uit 5 wedstrijden delen de twee topploegen de leidersplaats, maar de kloof met de rest lijkt minder groot dan de voorbije jaren.

     

    Dat werd vorige week nog eens onderstreept in de kwartfinales van de Belgische volleybalbeker. Roeselare verloor in eigen huis met 1-3 van Menen, Aalst klopte Maaseik met 3-2.

     

    Die halvefinalisten in de beker worden niet toevallig het meest geciteerd als titelconcurrent wanneer de vraag aan Maaseik en Roeselare gesteld wordt of er een club op de loer ligt.

     

    "Dat zijn ploegen die vrank en vrij kunnen spelen tegen de grote ploegen", legt Roeselare-speler Pieter Coolman uit. 

     

    "Ze trekken zonder druk naar daar en dat zie je ook. Ze spelen gretig en geloven in zichzelf. Dat maakt het ons moeilijker."

     

    Ferre Reggers bevestigt. "Het algemene niveau in de competitie is gestegen", zegt de Maaseik-speler. 

     

    "Vroeger had je Roeselare en Maaseik aan de top, nu is die veel vlakker. Er zijn veel meer teams die kans maken op de titel en om hoog te eindigen."

    Het algemene niveau in de competitie is gestegen. Vroeger had je Roeselare en Maaseik aan de top, nu is die veel vlakker.

    Ferre Reggers (Maaseik)

    Maaseik zoekt stabiliteit: "We betalen leergeld"

    De supportersclans van beide topclubs lijken niet rouwig om de evolutie. "Het is altijd hetzelfde: er moeten ook eens andere ploegen komen", noteerde onze reporter. "We hebben altijd om meer competitie gevraagd. Er is een nivellering."

     

    Maar beide clubs kijken ook in de spiegel. Ze bouwen aan een nieuwe ploeg en dat proces kost natuurlijk energie en tijd.

     

    "We hebben een aantal ervaren spelers moeten laten gaan en we proberen een nieuwe groep uit te bouwen", zegt Roeselare-coach Steven Van Medegael.

     

    "Ons team is onstabiel", klinkt het bij Joel Banks, de T1 van Maaseik. "In de eerste helft van het seizoen betaal je telkens leergeld en werk je keihard."

     

    "Wij zoeken iets meer stabiliteit. Als coach zou het leuk zijn om grotendeels dezelfde groep voor 2 à 3 seizoenen te hebben."

     

    Maar zijn Menen of Aalst dan echte kandidaten voor de titel? Pieter Coolman denkt nog altijd van niet: "In zo'n best-of-5 moet je dan 3 keer winnen van een topploeg, ook op verplaatsing. Dat zie ik niet gebeuren. Daarom denk ik nog altijd aan Roeselare of Maaseik."

    Bekijk de reportage:

    stand
        M W V ptn
    1. Roeselare 8 6 2 19
    2. Aalst 9 6 3 17
    3. Maaseik 8 6 2 17
    4. Menen 7 5 2 15
    5. Haasrode-Leuven 8 5 3 14
    6. Gent 9 3 6 8
    7. Borgworm 8 1 7 4
    8. Achel 7 0 7 2