Jolien D'hoore na derde plaats in ploegkoers: "We zaten wat te knoeien"

    Lotte Kopecky en Jolien D'hoore konden zich testen met het oog op de Spelen.

    De internationale baanmeeting in Gent was een ideale test voor Jolien D'hoore en Lotte Kopecky met het oog op de Olympische Spelen. De analyse achteraf was duidelijk: "Onze aflossingen kwamen niet goed uit." Dankzij een goed einde van de ploegkoers eindigden de Belgen nog op het podium.

    In het begin van de wedstrijd reden Jolien D'hoore en Lotte Kopecky achter de feiten aan en die analyse maakte D'hoore zelf ook. "Onze aflossingen kwamen niet goed uit", zei D'hoore. 

     

    "Ik moest de eerste sprints doen, maar op een of andere manier kwam dat niet uit. We zaten wat te knoeien. Het tempo veranderde voortdurend en we hebben daar te weinig op ingespeeld."

     

    "Halfweg konden we ons herpakken en op het einde waren we nog even sterk als in het begin, terwijl enkele ploegen wel erdoor zakten. Zo hebben we nog iets kunnen inhalen." Zo eindigde het Belgische duo als derde.

     

    "De 2 teams die voor ons eindigen zijn ook medaillekandidaten in Tokio. Hoe dan ook moeten we in Tokio meedoen voor de medailles. Als we zeggen dat we gaan voor de vijfde plaats, dan doen we onszelf te kort."

     

    D'hoore bevestigde voor de microfoon van Sporza ook nog dat de Olympische Spelen in Tokio toch niet haar afscheid wordt. In de herfst van dit jaar zijn er nog 2 doelen voor haar: "Eerste het WK in Leuven en dan Parijs-Roubaix."

    Bondscoach: "Als je niet kunt tellen, dan houdt het op"

    Bondscoach Peter Pieters was streng voor D'hoore en Kopecky. "Ze hebben veel fouten gemaakt in de beginfase, terwijl we er veel op getraind hebben", zei Pieters. "Waarom dat er niet uitkwam? Daarvoor moet je bij de rensters zijn."

     

    De aflossingen tussen D'hoore en Kopecky kwamen niet goed uit. "Je moet gewoon tellen. Als je niet kunt tellen, dan houdt het op. Als je op de fiets stapt, dan moet je weten wat je geleerd hebt. 

     

    "Je weet wanneer je moet inkomen en daaraan moet je je tempo aanpassen. Als we een medaillekandidaat willen zijn, dan zal er nog veel op getraind moeten worden."

     

    "Het deelnemersveld bij de vrouwen was niet heel sterk. Je had 3 à 4 toplanden. Er waren 2 topkandidaten voor een medaille (Nederland en Groot-Brittannië), maar je mist toch nog heel wat landen. Maar Jolien en Lotte hebben een zwaar wegseizoen gehad en op het einde reden ze toch goed."