• home
  • video
  • pas verschenen

    Tour 2020: voer voor klimmers, met 1 tijdrit (en zonder ploegentijdrit)

    Het parcours-kaartje.

    Het parcours-kaartje.

    0 / 0

    Vanmiddag is in Parijs het parcours van de Tour de France 2020 gepresenteerd. De grote lijnen: 1 tijdrit (op de op 1 na laatste dag), 9 vlakke etappes, 3 geaccidenteerde en 8 bergritten, met 4 aankomsten bergop. 

    De Tour begint in 2020 op zaterdag 27 juni in Nice. Een week vroeger dan andere jaren, kwestie van niet in het vaarwater te komen van de Olympische Spelen (die op vrijdag 24 juli van start gaan in Tokio).

     

    Dat de eerste twee Tour-etappes zich in en rond Nice zullen afspelen - eerst een sprintersetappe, op dag 2 al meteen de eerste bergen met de Col de la Colmiane, de Col de Turini en de Col d'Eze - was al bekend. Wat daarna komt, werd al enkele weken gefluisterd in de wandelgangen, maar kreeg pas vandaag een officieel karakter.

     

    In aanwezigheid van de Franse publiekslievelingen Julian Alaphilippe en Thibaut Pinot, titelverdediger Egan Bernal en de herstellende Chris Froome legde Tour-baas Christian Prudhomme uit dat de 5 Franse bergketens in het parcours opgenomen zijn.

     

    Via de Alpen (13 cols) en het Centraal Massief (7 cols) gaat het via de Pyreneeën (5 cols in ritten 8 en 9) terug naar het Centraal Massief en dan weer via de Alpen richting de Jura (3 cols) en de Vogezen (1 col).

     

    In totaal moeten de renners 29 cols bedwingen van 1e, 2e en buiten categorie. Er zijn 4 aankomsten bergop: op dag 4 al meteen de eerste, van Sisteron naar Orcières-Merlette.

     

    Geen legendarische bergen volgend jaar zoals de Tourmalet, Alpe d'Huez, de Galibier of de Mont Ventoux, wel ander lekkers. Prudhomme: "We zoeken altijd nieuwe uitdagingen. Maak je geen zorgen: er zijn nog cols genoeg en we respecteren de geschiedenis van de Ronde. Het parcours is er eentje voor klimmers, niet echt voor rouleurs." 

     

    Opvallend: er is maar één tijdrit, en wel op de op een na laatste dag, van Lure naar La Planche des Belles Filles, goed voor 36 kilometer. Geen ploegentijdrit dus, tot grote ontgoocheling van Chris Froome. Er is maar één etappe die langer is dan 200 kilometer, de 12e, net voorbij halfweg de Tour.

     

    Op zondag 19 juli, na een tocht van 3.470 kilometer, kennen we de opvolger van Egan Bernal, die eind juli voor de eerste keer zijn naam als eindwinnaar op het Tour-palmares schreef.

    Enkele tenoren tijdens de presentatie:

    Hinault triomfeert in 1981 in Nice:

    Het parcours meer in detail

    Na de eerste ritten in en rond Nice begeeft het peloton zich naar Sisteron, waar de sprinters een tweede kans krijgen, al kunnen aanvallers misschien ook al eens hun slag slaan.     


    Op dag 4 staat de eerste aankomst bergop op het programma. De Tour categoriseert deze etappe onder de noemer "geaccidenteerde rit" (dus geen bergrit), maar wel met een aankomst bergop, van Sisteron naar Orcières-Merlette, goed voor 7,1 kilometer aan 6,7%.


    "Aangezien de Tour vertrekt in het zuiden moeten we gebruik maken van de kansen om al zo vroeg een aankomst bergop in te lassen", zegt parcoursbouwer Thierry Gouvenou. Gouvenou hoopt dat de klassementsrenners zich dan al zullen tonen. 

       
    Op dag 5 zijn de sprinters weer aan zet met een etappe van Gap naar Privas, over 183 kilometer, de tweede of derde sprint dus. De 6e rit is een bergrit door het Centraal Massief, met één van de vier nieuwe cols in deze Tour de France: de Col de la Lusette.

     

    "Hier bieden we ook kansen voor de "baroudeurs"", stelt Gouvenou, "Dan denk ik ook aan enkele Belgische renners, zoals Greg Van Avermaet en Thomas De Gendt, om er twee te noemen."     


    Dag 7 leidt van Millau naar Lavaur. Gouvenou: "Deze rit heeft zo'n beetje het profiel van de etappe naar Albi dit jaar, waar Wout van Aert won en het peloton in waaiers brak. Hier kan de wind zijn rol spelen."

    Orcières-Merlette in 1972 en 1989: Eddy Merckx en Steven Rooks winnen

    2 ritten in de Pyreneeën

    Vervolgens trekt het peloton naar de Pyreneeën voor 2 etappes, telkens zonder aankomst bergop.

     

    De eerste Pyreneeën-rit gaat van Cazères-sur-Garonne naar Loudenvielle, over 140 kilometer met onderweg de Col de Menté, de Port de Balès en de Col de Peyresourde. Daarna volgt een afdaling naar Loudenvielle.

     

    De tweede bergrit trekt van Pau naar Laruns, met voor de klimgeiten de Col de la Hourcère, de Col de Soudet en de Col de Marie Blanque. Vooral die laatste is niet van de poes: 7,7 kilometer lang aan 8,6%, maar met bijzonder steile stukken in de laatste 4 kilometer, tot 15%. Daarna volgt een afdaling naar Laruns. 

    "We zijn terug in Laruns!"

    Tweede aankomst bergop op dag 13

    Na deze zware eerste week volgt de rustdag in La Charente-Maritime op 6 juli. De renners vliegen na de bergrit naar daar, zo'n 350 kilometer verder.     

     

    Daags nadien staat een verraderlijke etappe op het programma van Île d'Oléron naar Île de Ré. "De renners zullen zich in deze etappe niet mogen laten vangen", aldus Christian Prudhomme. "Want hier kan de wind zijn rol spelen. Normaal wordt dit een sprint, maar met hoeveel renners, is zeer de vraag. Dit jaar hebben we een Tour uitgetekend waar het echt overal kan gebeuren."     


    Na de eerste Tour-week zal de rust vermoedelijk even terugkeren met enkele overgangsetappes. Rit 11 van Châtelaillon-Plage naar Poitiers is er één voor sprinters, wellicht hun vijfde kans. Rit 12 van Chauvigny naar Sarran is de langste etappe: 218 kilometer, mogelijk voer voor aanvallers.     


    De tweede aankomst bergop (na een bergrit) volgt op dag 13, in het Centraal Massief, van Châtel-Guyon naar Puy Mary. "Het is de etappe met de meeste hoogtemeters in deze Tour de France: 4.400 meter", zegt Gouvenou.


    Daags nadien is er weer een kans voor de aanvallers, van Clermont-Ferrand naar Lyon, en op zondag 12 juli gaat het van Lyon naar de Grand Colombier, de derde aankomst bergop.


    "Hier doen we iets speciaals", aldus Prudhomme. "We gaan deze col via 3 van de 4 verschillende toegangswegen beklimmen."

    Mooie herinneringen voor de Fransen:

    De finale op La Planche des Belles Filles

    Op maandag 13 juli is er de tweede rustdag, in Grenoble. In de 16e rit van La Tour-du-Pin naar Villard-de-Lans zouden de batterijtjes weer enigszins opgeladen moeten zijn en zijn de aanvallers weer aan zet.

     

    De koninginnenrit is wellicht die van Grenoble naar Méribel, over 168 kilometer. De aankomst, de vierde en laatste aankomst bergop, ligt niet in het skioord zelf, want het peloton rijdt nog 7 kilometer verder.

     

    "C'est un choc", zegt Prudhomme. "Toen ik ter plaatse ging kijken, was ik echt onder de indruk. De renners zullen versteld staan van deze aankomst op de (nieuwe) Col de la Loze, met 2.304 meter het dak van de Tour."

     

    "Het is een klim van 21,5 kilometer aan 7,8%, maar het zijn vooral de laatste 4,5 kilometer die tot de verbeelding spreken. Het is alsof je drie à vier keer de Muur van Hoei krijgt voorgeschoteld, met verschillende stukken tot zelfs meer dan 20%."

     

    In diezelfde etappe moet het peloton ook over de Col de la Madeleine, maar via een route die nog niet eerder werd beklommen.

     

    De achtste en laatste bergrit volgt op donderdag, van Méribel naar La Roche-sur-Foron, met ruim 4.000 hoogtemeters. Het gaat over de Cormet de Roselend, Col des Saisies, Col des Aravis, Plateau des Glières en Col des Fleuries. De aankomst volgt na een afdaling.     

     

    Op vrijdag staat dan nog een rit voor de sprinters op het programma en zaterdag wacht dé finale met de tijdrit naar La Planche des Belles Filles, over 36 kilometer en het enige chronowerk in deze Tour de France.

     

    "Dit jaar is er geen ploegentijdrit, er is maar één tijdrit. Dat is een keuze die gemaakt is. We kijken enorm hard uit naar die tijdrit op La Planche des Belles Filles, hopelijk zijn hier nog twee of drie renners in strijd en wordt hier de Tour beslist", klinkt het.

     

    Op zondag wacht het defilé naar de Champs-Elysées, waar de sprinters een zesde of zevende kans krijgen.

    "Een van de iconische beklimmingen"

    Dylan Teuns won dit jaar op La Planche des Belles Filles:

    La Planche in 2017: Fabio Aru wint

    La Planche in 2014: Vincenzo Nibali heerst

    La Planche in 2012: Chris Froome wint

    Het parcours:

    Rittenschema Tour 2020
    1 zat 27/6 Nice Moyen Pays - Nice 154 km   
    2 zon 28/6 Nice Haut Pays - Nice  187 km bergrit
    3 maa 29/6 Nice - Sisteron 198 km  
    4 din 30/6 Sisteron - Orcières-Merlette 157 km bergrit *
    5 woe 1/7 Gap - Privas 183 km  
    6 don 2/7 Le Teil - Mont Aigoual 191 km bergrit 
    7 vri 3/7 Millau - Lavaur 168 km  
    8 zat 4/7 Cazères-sur-Garonne - Loudenvielle 140 km bergrit
    9 zon 5/7 Pau - Laruns 154 km bergrit
      maa 6/7 rustdag in La Charente-Maritime    
    10 din 7/7 Ile d'Oléron - Ile de Ré 170 km  
    11 woe 8/7 Châtelaillon-Plage - Poitiers 167 km  
    12 don 9/7 Chauvigny - Sarran Corrèze 218 km  
    13 vri 10/7 Châtel-Guyon - Puy Mary 191 km  bergrit *
    14 zat 11/7 Clermont-Ferrand - Lyon 197 km  
    15 zon 12/7 Lyon - Grand Colombier 175 km bergrit *
      maa 13/7 rustdag in Isère    
    16 din 14/7 La Tour-du-Pin - Villard de Lans 164 km  
    17 woe 15/7 Grenoble - Méribel (Col de la Loze) 168 km bergrit *
    18 don 16/7 Méribel - La Roche-sur-Foron 168 km bergrit
    19 vri 17/7 Bourg-en-Bresse - Champagnole 160 km  
    20 zat 18/7 Lure - La Planche des Belles Filles 36 km tijdrit
    21 zon 19/7 Mantes-la-Jolie - Parijs 122 km