• home
  • video
  • pas verschenen

    Sporza @ school #32: waarom ze op Wimbledon op gras en op Roland Garros op gravel spelen

    Voor onze 32e en laatste aflevering van Sporza @ school onderzoeken we de oorsprong van de verschillende ondergronden in het tennis. Wat was er eerst? En waarom spelen ze niet op gras in Frankrijk?

    Elk grandslamtoernooi heeft specifieke ondergrond

    Elk jaar staan de grandslamtoernooien met rood omcirkeld op de sportkalender. De vier kroonjuwelen van het tennis staan niet alleen bekend om hun enorme internationale uitstraling, maar ook om hun specifieke ondergrond.

     

    Gras, gravel of hardcourt: tennisvedetten als Roger Federer of Serena Williams moeten tegenwoordig van alle markten thuis zijn. Maar waar heeft tennis die verschillende ondergronden aan te danken?

    Gemalen potten, ofwel gravel, beschermen het gras

    In 1874 introduceert de Britse legerofficier Walter Clopton Wingfield gras als eerste officiële tennisondergrond. Engeland ontdekt een nieuwe passie, en drie jaar later ontstaat het eerste officiële tennistoernooi: Wimbledon. Het toernooi is een schot in de roos, en de tennismicrobe verspreidt zich ook aan de andere kant van het Kanaal. 

     

    Rond 1880 beslissen de Engelse broers Renshaw graspleinen aan te leggen in het zuiden van Frankrijk. Maar de warme temperaturen maken het gras al snel onbespeelbaar, waardoor gruis van gemalen potten als beschermlaag moet dienen.

     

    Vanaf dan is gravel - want zo zou het gruis gaan heten - de mode in Frankrijk en in 1891 vindt de eerste editie van Roland Garros plaats.

    Wingfield

    Links: tennispionier Walter Wingfield, rechts: de broers Renshaw, zelf allebei Wimbledon-winnaars

    Grand slam voor meest veelzijdige tennisser

    Maar wat dan met de derde soort ondergrond: hardcourt?  Wel, dat komt er pas vanaf 1978, wanneer het gras van de US Open plaatsmaakt voor hardcourt, een verharde ondergrond op basis van beton of asfalt met bovenop een rubberachtige coating. Het nieuwe hardcourt is niet alleen steviger, maar ook makkelijker te onderhouden.

     

    10 jaar later gaat ook de Australian Open overstag. Het is het startschot voor het moderne tennistijdperk, want door de invoering van de 3 ondergronden moet de tennisspeler een stuk veelzijdiger zijn.

     

    Elke ondergrond heeft namelijk zijn eigen uitdagingen. Wie de 4 belangrijkste toernooien van het jaar wil winnen - de enige echte grand slam - moet uitblinken op zowel gras, gravel als hardcourt.

     

    Het summum is om aan zo'n grand slam ook nog eens een olympische titel toe te voegen. Dit noemen we een golden slam. Slechts één tennisser (man/vrouw) is hier ooit in geslaagd: Steffi Graf.

    Steffi Graf verovert olympisch goud in Seoel (1988)