Alweer voorop! Wie is Ide Schelling? Over getunede Toyota's en racen op fixies

    Ide Schelling zit voor de derde rit op rij in de vlucht van de dag.

    Omdat de gele Mathieu van der Poel geen 2 truitjes kan dragen, mag Ide Schelling een nieuwe dag met de bolletjestrui pronken (en alweer in de kopgroep). De onbevangen Nederlander geniet er met volle teugen van, zoals hij van alles in het leven probeert te genieten. "Altijd blijven lachen, is mijn motto", zegt de kleurrijke Nederlander.

    1. Hij is een laatbloeier

     Ide Schelling debuteerde pas op zijn 22e als prof, bij Bora-Hansgrohe. De jaren ervoor leerde hij het klappen van de zweep bij de Nederlandse opleidingsploeg SEG Racing. "In de jeugd bakte ik er nog niet zoveel van", verklaarde hij in interviews zijn trage opmars.

     

    Als kind wou hij zich spiegelen aan zijn vader, een wielertoerist. Zo werd hij verliefd op de fiets, al was hij ook een fervent skateboarder.

     

    Wielrennen kijken op tv trok Schelling zelfs helemaal niet. "Ik vond dat maar saai. Ik herinner me wel nog dat ik 2015 met mijn ouders in bocht 7 (de legendarische Nederlandse bocht) stond van Alpe d'Huez. Ik herinner me ook nog 3 dove Amerikanen die me dronken probeerden te voeren." 

    2. De nieuwe Michael Boogerd?

    Ide Schelling is net als Michael Boogerd afkomstig van Den Haag, een echte fietsstad. Hij leerde er behendigheid op de fiets, al volgde hij ook judotrainingen die zijn wendbaarheid op de fiets ten goede kwamen, zeker bij valpartijen.

     

    Net als Boogerd is Schelling ook een dankbare figuur voor de media. Hij draagt zijn hart op de tong en is heel expressief, ook tijdens de koers. Zo zagen we hem in de rit van zaterdag het volk groeten toen duidelijk werd dat hij de bolletjestrui zou dragen. Zijn sprintje tegen concurrent Anthony Perez vierde hij ook ostentatief.

     

    "Ik ben een atypische wielrenner. Ik fiets niet om de allerbeste renner ter wereld te worden, wel voor mijn plezier. Mijn motto is dan ook: altijd blijven lachen", zei Schelling in interviews.