Een ingrijpende verandering op alle profniveaus van het Belgische voetbal. Dat is het huidige voorstel voor het competitieformat dat op tafel ligt. Op het eerste gezicht lijken er alleen maar winnaars, maar klopt dat ook? Sporteconoom Thomas Peeters bekijkt de zaak vanuit drie winnende of verliezende kampen.
De (top)clubs in de JPL?
Het eerste groepje actoren in dit verhaal: de 16, binnenkort 18 (?), clubs in de Jupiler Pro League. Vooral bij de toppers klinkt al jaren de roep om een minder volle kalender.
"Bij Club Brugge en Anderlecht heeft men de berekening gemaakt dat de kalender anders moet om minder grote belasting te hebben", oordeelt Thomas Peeters. "Het blijkt bijna niet te doen om de spelers klaargestoomd te krijgen voor zo veel grote afspraken."
Maar een kalender met enkel een heen- en terugwedstrijd tegen 17 opponenten, zonder play-offs, zal ook aan spanning moeten inboeten.
"Er is een verschil tussen de play-offs en de staart van heel wat competities die we nu zien, waar toch een makkere periode volgt. Bij ons blijft het steeds spannend", zegt de sporteconoom.
Een rush van na Nieuwjaar tot het einde van de play-offs waarvan iedereen zal moeten afkicken? Of vervangt Europees succes die spanning?
Financieel is het minder interessant voor de topclubs. Zij krijgen een minder groot deel van de koek en verliezen topwedstrijden.
"De grote vraag die onze clubs zich moeten stellen is: welke richting willen we met de competitie uit?", vindt Peeters.
"Wordt lokale verankering belangrijk - met onder meer derbyvoetbal - dan is een systeem met 18 ploegen, die het met wat minder moeten doen, wel haalbaar."
Het hangt ook allemaal af van hoe de tv-rechtensleutel binnenkort wordt verdeeld. Welke som strijken de 18 clubs op? "Als het zo is dat de staartploegen in de eerste klasse erop vooruitgaan, denk ik dat het goed is om de competitie landelijk te ondersteunen."
"Het zal iets minder interessant zijn voor de topclubs, want zij krijgen in dat geval een minder groot deel van de koek én verliezen de topwedstrijden op het einde van het seizoen", werpt Peeters een nadeel op voor de toppers.
Wat met en in tweede klasse?
Over naar het tweede niveau in België, dan. Op het eerste gezicht mogen zij tevreden zijn met twee extra plekken in de Jupiler Pro League.
"Het positieve is dat 2 huidige tweedeklassers de kans krijgen om langer levensvatbaar te worden op het hoogste niveau. Ook de ploegen er net boven krijgen meer ademruimte", stelt Peeters.
Want dat is het grootste probleem van en in de Challenger Pro League: overleven met de beperkte inkomstenstroom.
"Ja, onze tweede afdeling heeft het heel moeilijk om financieel interessant te zijn."
Voor de Challenger Pro League is dit voorstel slecht nieuws.
"Het is voor clubs erg moeilijk als ze een jaartje naar tweede klasse moeten. Dat moeten ze eigenlijk terugverdienen als ze weer promoveren, omdat er zo'n groot verschil is in financiële slagkracht", gaat de sporteconoom voort.
Dus is af en toe kunnen proeven van de zoete nectar in eerste klasse van cruciaal belang.
"Voor de Challenger Pro League is dit voorstel slecht nieuws", oordeelt Peeters daarom. "Als je niet bij de 18 hoofdrolspelers zit, wordt het al erg moeilijk."
"De pot moet al verdeeld worden onder 2 extra ploegen. Zo komt er nog minder de richting van tweede klasse uit. Ook de matchen zelf worden niet per se interessanter - zeker ook door de intrede van belofteploegen."
Domper voor rechtenhouder?
Tot slot aan bod: de rechtenhouder. DAZN won in december de strijd om het tv-contract voor de komende 5 jaar.
Maar plots zullen er minder (top)matchen te zien zijn en wordt een spannende apotheose mogelijk door de neus geboord. Is de rechtenhouder dan de grote verliezer van het nieuwe voorstel?
"Dat verbaast me misschien nog het meest", knikt Thomas Peeters. "Voor de rechtenhouders is het toch een stapje terug."
Want de logica is simpel: "Hoe meer wedstrijden met hoge inzet, hoe meer content er is om aan te bieden. Dat wordt dan toch wat minder."
Afwachten wat er morgen beslist wordt én hoe het plan zich uitrolt.