Braziliaanse voetballers in Oekraïne vragen om hulp: "We kunnen hier niet weg"

    De Brazilianen zitten samen met hun familie vast in een hotel in Kiev.

    Een handvol Braziliaanse voetballers die hun brood verdienen in Oekraïne vragen hun vaderland om hulp na de militaire actie van Rusland. De Brazilianen zitten samen met hun familie vast in een hotel in Kiev en willen zo snel mogelijk het land verlaten. Sjachtar-coach Roberto De Zerbi getuigt over de bombardementen.

    De Oekraïense topclub Sjachtar Donetsk heeft traditioneel een grote schare Brazilianen in dienst. Momenteel liggen er 12 Brazilianen onder contract bij de club, die door de spanningen in de regio van Donetsk al enkele jaren niet meer in haar eigen stadion voetbalt.

    De Sjachtar-Brazilianen verblijven momenteel samen met hun familie in een hotel in de hoofdstad Kiev, waar ze ook het gezelschap hebben van hun landgenoot Vitinho, die bij Dinamo Kiev speelt.

    David Neres, die pas afgelopen winter naar Sjachtar trok na enkele jaren bij Ajax, heeft op zijn Instagram-pagina een filmpje gepost waarin de spelers om hulp vragen.

    "De grenzen zijn gesloten en alle vluchten zijn geschrapt. We zitten hier vast, we kunnen niet meer weg. We vragen om de steun van de Braziliaanse regering", klinkt het in de video.

    Sjachtar-coach: "Wakker geworden van bombardementen"

    Ook aanwezig in hetzelfde hotel: Roberto De Zerbi, de Italiaanse coach van Sjachtar Donetsk. De Zerbi vertelde eerder vandaag aan Italiaanse media hoe hij afgelopen nacht wakker werd van de bombardementen.

    "Het is geen fijne dag. Ik zit al de hele tijd in mijn hotelkamer", aldus De Zerbi. "Ik hoopte al een tijdje dat de federatie de competitie zou stilleggen en nu is dit gebeurd."

    "Samen met mijn stafleden en 13 Brazilianen zitten we nu vast op hotel. Misschien hadden we al eerder naar huis kunnen terugkeren, maar we besloten te blijven. Vannacht werden we dan plots wakker van de bombardementen."

    "Nu hopen we dat de overheid en de ambassade ons zullen helpen. Ik blijf optimistisch."

    Roberto De Zerbi