De noordse combinatie, het laatste olympische mannenbastion: "Waanzin in 21e eeuw"

    De Amerikaanse Tara Geraghty-Moats pronkt met de eerste Wereldbeker noordse combinatie voor vrouwen.

    Ondanks de spannende wedstrijden op de Winterspelen is de noordse combinatie niet de grootste publiekstrekker. Het meest opvallende aan de sport is dat het de enige sport is op het olympische programma enkel voor mannen.

    "Ik denk dat het waanzinnig is dat we in de 21e eeuw leven en we als vrouw nog altijd ongelijkheid moeten ervaren. Niet enkel in het dagelijks leven, maar ook in de sport waar we onze ziel in stoppen."

     

    "Dit voelt zo oneerlijk aan. Hoe kan het dat we de enige olympische sport zijn die enkel voor mannen is." Aan het woord is Annika Malacinski, een 20-jarige Amerikaanse atlete in de noordse combinatie. 

     

    Ze is niet in actie gekomen op de Winterspelen in Peking en dat heeft een goeie reden: er is enkel een mannencompetitie van de noordse combinatie op de Spelen.

     

    In 2018 besliste het IOC dat de noordse combinatie bij de vrouwen nog niet genoeg ontwikkeld was om opgenomen te worden op het programma van Peking. Het is de enige sport op de Winterspelen die enkel door mannen wordt beoefend.

     

    En dat is moeilijk te verdedigen in tijden waarin gendergelijkheid zo belangrijk is en er in bijna elke sport gemengde estafettes gehouden worden. Het FIS, de internationale skifederatie, gaat er zelf niet mee akkoord en organiseerde in 2020 voor het eerst een WB voor vrouwen.

    Waarom krijg ik die kans niet om te strijden voor een medaille? Dit voelt niet juist aan.

    Tara Geraghty-Moats

    Die WB werd gewonnen door een andere Amerikaanse, Tara Geraghty-Moats. Die bekeek met een wrang gevoel de wedstrijden van de mannen. Geraghty-Moats kan een gevoel van onrechtvaardigheid niet onderdrukken.

     

    "Ik kan niet kijken zonder te denken: "Waarom mag ik dat niet doen? Waarom krijg ik die kans niet om te strijden voor een medaille?" Dit voelt niet juist aan."

     

    De toenmalige uitleg van het IOC was dat de noordse combinatie voor vrouwen niet het vereiste niveau haalde voor een olympische sport. Ook al is gendergelijkheid heel belangrijk voor de Olympische Spelen.

     

    "De noordse combinatie voor vrouwen staat op een ander punt dan toen het IOC neen zei", zegt Geraghty-Moats. "Sindsdien is er een WB én een WK georganiseerd, eigenlijk voldoen we aan alle voorwaarden.Mijn wens is dat het IOC wat meer vertrouwen zou hebben in ons vermogen om de sport te ontwikkelen, het zag er in 2018 al heel goed uit."

    "Ik ben voorzichtig optimistisch voor 2026"

    De kans lijkt groot dat het IOC in juni van dit jaar beslist om noordse combinatie voor vrouwen op het olympische programma van 2026 te zetten. Maar Geraghty-Moats rekent zich nog niet rijk.

     

    "Zo veel vertrouwen heb ik niet, al ben ik voorzichtig optimistisch. Maar in 2018 behandelde het IOC de noordse combinatie voor vrouwen als een nieuwe sport, terwijl het al 100 jaar op het olympische programma staat."

     

    "In plaats van de genderongelijkheid uit te wissen, moet onze sport zijn kandidatuur verdedigen als een nieuwe sport. En volgens het IOC is het een niche sport, terwijl er meer vrouwelijke deelnemers zijn dan aan bvb rodelen of aerials."

     

    Als de vrouwen in 2026 in Milaan en Cortina d'Ampezzo eindelijk mogen meedoen aan de noordse combinatie, dan is het nog niet zeker dat Geraghty-Moats zal deelnemen. Want ze heeft zich nu op biatlon gegooid. "Biatlon was een strategische keuze, maar de noordse combinatie blijft mijn grote liefde."

    Geraghty-Moats in actie op de Noordse combinatie