Sanne Cant rijdt morgen haar eerste Parijs-Roubaix: "Eindelijk is het zover"

    Sanne Cant

    Een half jaar na de eerste editie van Parijs-Roubaix voor vrouwen, mag het peloton zich  morgen voor de tweede keer aan de kasseistroken wagen. Sanne Cant (Plantur-Pura) staat morgen voor het eerst aan de start.

    "Ik heb altijd al gezegd dat ik graag Parijs-Roubaix wou rijden en ik ben dan ook enorm blij dat het morgen eindelijk zo ver is", vertelt Cant. 

     

    "Vorig jaar werd de koers door de coronacrisis verplaatst naar oktober, en dat viel net midden in mijn veldritseizoen. Daarom heb ik er toen voor moeten passen."

     

    "Het is heel moeilijk om mijn kansen in te schatten. Niet alleen ik, maar ook het team (Plantur-Pura) staat morgen voor het eerst aan de start. Geluk zal zeker een grote factor spelen, maar ik hoop eerst en vooral om de koers uit te rijden."


    "Over mijn conditie en mijn benen mag ik alleszins al niet klagen. Ik heb best een goed voorjaar gereden. Ik ben begonnen met de Strade Bianche en was 11e in Gent-Wevelgem. Dat was toch een goed resultaat."

     

    "Afzien ga ik morgen in elk geval zeker doen, maar ik denk dat het gevoel na de koers al dat zwoegen makkelijk zal overtreffen."

    Het gevoel na de koers zal al het zwoegen makkelijk overtreffen.

    Sanne Cant

    Ook bij de vrouwen leeft het nieuwe systeem dat renners in staat stelt om handmatig hun bandendruk aan te passen, maar Cant is hier duidelijk over.


    "Uiteindelijk komt het gewoon neer op trappen. Het kan zijn dat die snufjes wel wat zullen helpen in de race, maar ik kom gewoon met mijn wedstrijdfiets aan de start", vertelt ze vastberaden. 


    Vorig jaar was het een uitgeregende editie van Parijs-Roubaix, maar dit jaar wordt er droog en zonnig weer verwacht. Toch zal het allesbehalve een gemakkelijke koers worden.


    "De kasseien liggen er echt heel slecht bij", aldus Cant. "Het lijkt wel alsof ze met een vrachtwagen met de laadklep open voorbij kwamen en dat alle kasseien willekeurig eruit zijn gevallen. Er zijn stroken die er echt "wreed" bij liggen."

     

    "Maar schrik om te vallen heb ik niet. Dat hoort er nu eenmaal bij in het wielrennen. Je mag in de koers nooit schrik hebben. Anders val je sowieso."