UCI over 14 Wereldbeker-crossen zonder Koksijde: "Iedereen verdedigt eigen winkel"

    Ook volgende winter wordt er naar de VS getrokken.

    Van 16 naar 14 manches, het afscheid van Namen en Koksijde en nieuwe trips naar de overkant van Het Kanaal en naar seniorenparadijs Benidorm. De nieuwe WB-kalender in het veldrijden zorgde maandag voor enkele verrassingen. "De Wereldbeker was nog te Belgisch", vertelt UCI-topman Peter Van Den Abeele.

    Van 16 naar 14 manches: "De komende jaren aan vasthouden"

    De nieuwe Wereldbekerkalender bracht maandag enkele wijzigingen aan het licht voor volgend seizoen. Een eerste vaststelling is dat het aantal manches wordt teruggeschroefd van 16 naar 14. Een toegeving aan de druk van andere organisatoren, die de Wereldbeker te verstikkend vonden?


    "Nee, het is een samenloop van omstandigheden", vertelt Peter Van Den Abeele, sportdirecteur bij de UCI. "Wij willen vasthouden aan vaste data, met name zondagen. Daarmee willen we voor herkenbaarheid zorgen. We willen de komende jaren vasthouden aan de 14 manches per seizoen."


    Ook het Belgische 'aandeel' in de kalender verkleint, met in plaats van 6 nog maar 4 crossen. Namen, dat volgende winter het EK organiseert, en de klassieker in Koksijde verdwijnen uit de Wereldbeker.


    "Het kleinere aantal Belgische crossen ligt in lijn met ons algemene beleid, omdat de Wereldbeker te Belgisch was. We willen werken aan de internationalisering, nu trekken we naar 8 verschillende landen." 


    "Dat Koksijde er niet meer bij is, is jammer, want we hebben altijd uitstekend samengewerkt. Maar iedereen verdedigt zijn eigen winkel, dat is ook logisch. Koksijde is altijd een trouwe partner geweest, maar als zij zich op een zeker moment niet meer kunnen vinden in bepaalde regels, dan houdt het op. Met alle respect voor de organisatie in Koksijde."

    Koksijde is altijd een trouwe partner geweest, maar als zij zich niet meer kunnen vinden in bepaalde regels, dan houdt het op. Met alle respect.

    Peter Van Den Abeele (UCI)

    WB-manche in het VK: "Het momentum is er nu"

    Volgend jaar begint de Wereldbeker opnieuw in de VS, maar het drieluik is een tweeluik geworden, door het afvallen van Iowa. "We beginnen opnieuw in de VS, met Waterloo en Fayetteville. Na het WK is Fayetteville een blijver geworden, het is een wedstrijd op een heel mooie locatie", vertelt Van Den Abeele.

     

    Daarna volgt de klassieker in het Tsjechische Tabor en een reeks Benelux-crossen, met Rucphen, nieuwkomer Beekse Bergen, Overijse, Hulst en Antwerpen. Half december trekt het veldritcircus dan naar de overkant van Het Kanaal.


    "We gaan naar Groot-Brittannië. We pushen organisator Flanders Classics al een tijdje om daar terug voet aan de grond te krijgen. Het momentum is er, nu de Britten het opnieuw heel goed doen in het veld en ze met Tom Pidcock een wereldkampioen hebben. De precieze locatie moet nog ingevuld worden, maar de onderhandelingen zijn in een finale fase."

    Groot-Brittanië krijgt volgend jaar een wereldkampioen uit eigen land over de vloer.

    "Benidorm als oplossing in de stageperiode tussen BK en WK"

    "Daarna keren we terug naar Val di Sole", gaat Van Den Abeele verder. "Dat is een mekka in de mountainbikesport en het heeft zich afgelopen winter een prachtige wedstrijd getoond. Afsluiten doen we dan nog met twee manches in het buitenland."

     

    Voor de voorlaatste manche trekt de Wereldbeker naar seniorenparadijs Benidorm. Op het eerste gezicht niet zo'n voor de hand liggende keuze, maar voor de UCI was het een ideale locatie.

     

    "Die wedstrijd zal plaatsvinden tussen de nationale kampioenschappen en het wereldkampioenschap. Die periode is traditioneel een stageperiode. Nu is dat een ideale gelegenheid voor de renners om op stage te gaan in Spanje en dat te combineren met een Wereldbekerwedstrijd."