Belgische zwemsport wil uit het dal klauteren: "De druk ligt nu bij ons"

    Het Belgische zwemmen zit in het slop. Louis Croenen en Fanny Lecluyse waren de enige Belgische zwemmers op de Olympische Spelen in Tokio. Inmiddels is Lecluyse, net als Pieter Timmers en Kimberly Buys, gestopt en opvolgers staan niet meteen klaar. Wat nu met de Belgische zwemsport? Sporza-journaliste Inge Van Meensel ging op zoek naar antwoorden op de Flanders Swimming Cup in Antwerpen.

    De alarmbel in het Belgische zwemmen luidt al langer dan vandaag, maar de actie heeft al te lang op zich laten wachten. Sinds enkele maanden is er een nieuwe schwung, met onder meer Ronald Claes als nieuwe nationale coach. Hij beseft dat de Belgische zwemsport er momenteel niet goed voorstaat.

    "We zijn aan het oogsten wat we gezaaid hebben en dat is niet veel op dit moment", zegt Claes, die als eerste doel heeft om één ploeg te smeden. "We hadden wel eens kampioenschappen waar een Waalse en een Vlaamse ploeg leek te zijn. Dat is natuurlijk niet de bedoeling."

    Een van de problemen in het zwemmen: de aanvoer van nieuw talent. Er is de voorbije jaren wel veel geïnvesteerd in topsport, maar de clubs zijn vergeten.

    "Wij hebben de allergemakkelijkste sport qua instroom, want iedereen leert zwemmen. Alle zwemscholen zitten boordevol met jonge, potentiële topzwemmers. Die moeten we proberen naar de competitiesport te brengen", weet Claes.

    We hadden wel eens kampioenschappen waar een Waalse en een Vlaamse ploeg leek te zijn. Dat is niet de bedoeling.

    Ronald Claes

    Lode Grossen: "Overtuigd dat dit de juiste weg is"

    In Vlaanderen komt er alvast een regiowerking rond 6 clubs, Wallonië moet nog volgen. "Dat zit in de gedachtegang, maar daar gaat het wat trager", glimlacht Ronald Claes.

    Lode Grossen, algemeen directeur van de Vlaamse Zwemfederatie, gelooft wel rotsvast in de nieuwe plannen. "Het heeft zijn kinderziektes. We moeten mekaar nog vinden in de samenwerking, maar de wil en de overtuiging dat we deze weg moeten opgaan, is aanwezig", benadrukt Grossen.

    De man die het aan Vlaamse kant moet waarmaken, is Dirk Boets, als hoofdcoach van de Vlaamse zwemfederatie de opvolger van Ronald Gaastra. "De leiding is absoluut in handen van Ronald Claes", beklemtoont Boets.

    "Ik ken Ronald Claes al heel lang en hij heeft veel meer internationale ervaring dan ik. Dat is wat mij nog wat ontbreekt. Ik weet wat Ronald in zijn mars heeft en wat zijn visie is en die valt helemaal samen met hoe ik erover denk."

    Brigitte Becue: "Mentaliteit van zwemmers zal ook moeten veranderen"

    Ronald Claes start ook met een nationaal project om jonge coaches te vormen en te begeleiden, maar voormalig topzwemster Brigitte Becue - nu actief als zwemcoach in Leuven - meent dat er ook bij de zwemmers zelf een omslag nodig is.

    "Ze zullen het mij niet graag horen zeggen en ik wil de jeugd ook niet over één kam scheren, maar de mentaliteit van een aantal sporters zal moeten veranderen", vindt Becue.

    "In topsport krijg je niks cadeau, daarvoor moet je werken. Ik merk dat een aantal zwemmers daar toch iets te licht mee omgaat. Je moet er even veel voor doen als wat je ermee wilt bereiken, anders gaat het niet."

    Op termijn is het doel om 4 à 6 zwemmers te hebben die een olympische finale kunnen halen. "De jeugd is dun gezaaid. Ik denk dat we een grote inhaalbeweging te doen hebben. Ik weet niet of het goed komt voor Parijs 2024."

    "We móeten daar zwemmers hebben", reageert Lode Grossen. "Ik wil geen namen of cijfers noemen, omdat ik geen druk wil leggen. De druk zit bij ons. Wij moeten zien dat zij in die situatie gebracht worden dat zij dat effectief kunnen realiseren."

    Bekijk de reportage uit Sportweekend: