Olympische premie geldt vanaf Parijs ook voor paralympiërs, wat met Tokio? "Mag niet negatief worden"

    Peter Genyn won goud en zilver op de Paralympische Spelen van Tokio.

    Over drie jaar in Parijs zullen de Belgische paralympische atleten dezelfde premies opstrijken voor hun prestaties als hun olympische collega's. Dat bevestigt staatssecretaris Sammy Mahdi, die bevoegd is voor de Nationale Loterij, die de premies uitbetaalt. 

    Gelijke beloningen voor olympiërs en paralympiërs: "Evenwaardige atleten"

    Vanaf Parijs 2024, maar misschien ook voor Tokio

    Op de Olympische Spelen in Tokio kregen Belgische Olympiërs een premie van 50.000 euro voor een gouden medaille, 30.000 euro voor zilver en 20.000 euro voor een bronzen plak.

     

    Paralympiërs die in Tokio een medaille haalden zoals Peter Genyn, Michèle George of Laurens Devos konden rekenen op bedragen die een stuk lager lagen. 15.000 euro voor goud, 10.000 euro voor zilver en 7.500 euro voor brons. Bovendien kreeg Michèle George voor haar tweede gouden medaille niet de volle pot. Een tweede keer goud leverde haar 7.500 euro op. Voor top acht plaatsen was - in tegenstelling tot voor olympiërs - geen premie voorzien.

     

    Vlaamse minister van Gelijke Kansen Bart Somers diende een wetsvoorstel in om de paralympische premies gelijk te trekken met de olympische. Staatssecretaris Sammy Mahdi - die bevoegd is voor de Nationale Loterij, die de premies uitbetaalt - is Somers gevolgd, dat staat in de beleidsnota van de Nationale Loterij 2021-2022.

     

    De nieuwe regels gelden vanaf de Spelen in Parijs in 2024, maar de Nationale Loterij zal onderzoeken of ook de premies voor Tokio nog gelijk kunnen worden getrokken. 

     

    Na de afgelopen Olympische Spelen van Tokio 2020 keerde de Nationale Loterij 664.000 euro aan premies uit voor olympische atleten en coaches. De doelstelling is om in de toekomst eenzelfde bedrag vrij te maken voor de paralympische atleten. 

    "Er is geld, maar het mag geen negatief verhaal worden"

    "Ik vind dit een heel belangrijk signaal", verduidelijkt minister van Gelijke Kansen Bart Somers. "Er mogen in ons land geen eerste- en tweederangsburgers zijn en dus ook geen eerste- en tweederangsatleten volgens een beperking."

     

    "Het is goed dat we in de toekomst atleten met medailles op een gelijke manier behandelen, maar we moeten dat ook al regelen voor de sporters die ons de voorbije zomer enthousiast gemaakt hebben."

     

    Dan gaat het over de sporters op de Paralympische Spelen in Tokio. "Vlaanderen heeft er geld voor vrijgemaakt, mijn Waalse tegenhanger en staatssecretaris Mahdi ook."

     

    "Er is eigenlijk geld genoeg, maar dat prijzengeld mag geen negatief verhaal worden als die sporters dan bijvoorbeeld uitkeringen verliezen of als het (para)fiscaal niet goed is opgelost."

     

    "We moeten hier aan doorwerken, zodat we ook aan de atleten van Tokio die gelijkschakeling kunnen aanbieden zoals we in de toekomst willen doen."

    Het is goed dat we in de toekomst atleten met medailles op een gelijke manier behandelen, maar we moeten dat ook al regelen voor de sporters die ons de voorbije zomer enthousiast gemaakt hebben.

    Minister Bart Somers