Op naar een uitgeregende Parijs-Roubaix? "Voor de beste Van der Poel is dat een speeltuin"

    Mathieu van der Poel verschijnt voor het eerst aan de start van Parijs-Roubaix.

    Elke wielerfan is al weken aan het aftellen naar Parijs-Roubaix en als klap op de vuurpijl wordt het ook nog eens een Hel in de regen. Michel Wuyts staat stil bij de potentiële impact van de weergoden: "Je moet kasseispecialist zijn én je moet als crosser goed uit de voeten kunnen."

    "Je moet al terug naar Johan Museeuw in 2002 voor een gelijkaardige editie van Parijs-Roubaix, maar ik denk vooral aan 2001 en Servais Knaven", mijmert Michel Wuyts. "Dat is de meest chaotische editie die ik becommentarieerd heb. Dat was extreem."

     

    "In voorbeschouwingen wordt zoiets natuurlijk altijd opgeblazen en kijk je naar stroken die schijnbaar ondoenbaar zijn. Je ziet dan foto's van slippartijen tijdens de verkenningen."

     

    "Maar uiteindelijk is het zo dat er zondag een winnaar zal zijn en dat de moedigen zullen overleven."

     

    En toch is er aanpassingsvermogen nodig. "In het bochtenwerk valt de snelheid weg: normaal doe je dat met 40 km/u, nu met 25 à 30 km/u."

     

    "De conclusie is dan ook dat je én kasseispecialist moet zijn én ook als crosser goed uit de voeten moet kunnen, al mag je niet uitsluiten dat iemand die nooit in het veld gereden heeft, zich toch in zijn sas voelt op de rug van de kasseien."

    Bekijk de zege van Servais Knaven in 2001:

    "Ik schat dat we na het Bos van Wallers met 20 man zijn"

    Maar waarom hebben de (ex-)crossers een streepje voor? Michel Wuyts: "Het evenwichtsorgaan is belangrijk en het in bedwang houden van je lichaam en je fiets vanuit je onderrug is er bij cyclocrossers zo ingeramd, dat zij een onmiskenbaar voordeel hebben."

     

    "Hoe natter en hoe trager, hoe beter zij hun kunstjes zullen kunnen tonen. Ik ga ervan uit dat sommige renners daar op kicken. De beste Mathieu van der Poel gaat één grote speeltuin tegemoet."

     

    "Anderen zullen dan weer met trillende benen aan de start staan. De schifting zal veel sneller gebeuren dan anders. Ik schat dat er 20 man uit het Bos van Wallers zal komen."

     

    "Misschien komt er nog iemand terug, maar ik vermoed dat we het met die groep zullen moeten doen. Bij de daaropvolgende grote stroken zullen nieuwe mannen het tempo niet kunnen volgen of wegvallen door hun onbehendigheid."

     

    "Sluit in deze editie dus niet uit dat er een enkeling naar de piste trekt, al hoop ik van niet."

     

    "Maar denk aan Knaven in 2001 en Museeuw in 2002: de omstandigheden lenen zich tot een nummertje van iemand die er bovenuit steekt."

    Bekijk de zege van Johan Museeuw in 2002:

    "Van der Poel valt bocht aan, Van Aert neemt een bocht"

    In vergelijking met de zeges van Knaven en Museeuw 20 jaar geleden heeft de fiets natuurlijk een grondige facelift ondergaan.

     

    "De essentiële verandering is de introductie van de schijfrem", duidt onze commentator. "En ik lees dat daar onzekerheid over is."

     

    "Werken ze wel efficiënt genoeg, vragen testers zich af. In het veldrijden gaat dat, maar dat is een inspanning van een uur. Deze koers duurt ettelijke uren. Wat veroorzaakt al die modderophoping?"

    Ik lees dat er onzekerheid is over de efficiëntie van de schijfrem in deze omstandigheden.

    Michel Wuyts

    "En ook de bochtentechniek wordt essentieel", weet Michel Wuyts.

     

    "Normaal neem je de kasseistroken op de rug. Daar liggen de smeerlappen niet verborgen. Maar als je nu naar de kant gaat, dan zie je door de plasvorming en modder de hoekige stenen en de gaten niet liggen. Dan is de kans op pech veel groter."

     

    "Als je een bocht met snelheid doorkomt, dan lig je voor. En op dat gebied kent Mathieu van der Poel zijn gelijke niet. Hij is beter in de bochten dan Wout van Aert."

     

    "In het veld zegt men: Van der Poel valt de bocht aan, Van Aert neemt de bocht. Bij de Nederlander zit er altijd een dosis risico in."

    Lees ook: