Weer onvrede bij Nederland over tactiek: "Ik schaam me de ogen uit mijn kop"

    Er zal opnieuw flink wat nagepraat worden over de ploegtactiek bij Nederland.

    Het knettert weer bij de Nederlandse dames. Na het fiasco in de olympische wegrit met Annemiek van Vleuten greep nu ook Marianne Vos naast goud. Na afloop waren de reacties veelzeggend. "Iedereen reed voor zichzelf."

    Op voorhand de grote favoriet(en) met een selectie vol absolute toppers, maar toch pakte Nederland opnieuw geen goud bij de vrouwen. Vos moest zich troosten met zilver.

     

    Annemiek van Vleuten weet hoe het voelt. Op de Olympische Spelen in Tokio greep ze op ongelukkige wijze naast de titel. Nederland reed toen tactisch een zwakke wedstrijd en verloor Anna Kiesenhofer uit het oog.

     

    Ook na het WK is er veel kritiek op de tactische aanpak van de Nederlanders. "Het is alsof vrijwel alle Nederlandse vrouwen vooral voor zichzelf rijden", merkte analist Thijs Zonneveld tijdens de race al op. "Ook nu nog, diep in de laatste ronde."

     

    In de interviews na de wedstrijd kon vooral Annemiek van Vleuten haar frustratie niet verstoppen. Haar antwoorden voor de Sporza-microfoon op de vragen of de aanvallen niet gecoördineerder konden, waren kort maar veelzeggend: "Klopt."

    Het was niet aan Ellen en mij om nog de lead-out te doen. De andere meiden die er nog zaten mogen zich dat aanrekenen

    Annemiek van Vleuten

    Bij de Nederlandse collega's van Wielerflits liet Van Vleuten haar ontgoocheling wel de vrije loop.“Voor Marianne schaam ik me de ogen uit mijn kop", aldus Van Vleuten. "Als je de sprint terugkijkt…. dat moet beter. Als ze daardoor tweede wordt, is dat echt superzonde. Het was niet aan Ellen en mij om nog de lead-out te doen. De andere meiden die er nog zaten mogen zich dat aanrekenen.”

     

    Ook Chantal Van den Broek-Blaak laakte de cohesie binnen Oranje. "We waren geen echt team", vertelde ze bij Wielerflits. "Ik vond dat het niet ging zoals het had moeten gaan, want iedereen reed voor zichzelf. We hadden meer gegroepeerd moeten rijden. Ik denk dat we elkaar allemaal graag wilden helpen, maar ik heb nooit een opeenvolging aan demarrages gezien en ook niet dat we achter demarrages aanreden.”

    Lees ook: