Vermeersch baalt: "Duidelijk dat Nederlanders gefixeerd waren op ons"

    Florian Vermeersch reed een dijk van een koers, maar op het eind was zijn vat leeg.

    Als Europees kampioen stond Thibau Nys als een van de favorieten aan de start in Antwerpen. Na een zware race schoot de piepjonge Nys (18) nog wat tekort in de finale, maar sprintte hij alsnog naar een knappe 6e plaats. "Ik was bij de sterksten in koers", sprak hij na afloop. Dat was Florian Vermeersch ook, hij cijferde zich in de slotronden weg voor Nys. "Dat was de afspraak."

    "Er zat niet meer in vandaag", reageerde Nys na afloop voor de Sporza-microfoon. "Ik en de ploeg hebben er het maximum uitgehaald. We verliezen onderweg door valpartijen drie man die we op het eind nog nodig hadden." 

     

    "We gaven de koers wat uit handen toen die groep van elf wegreed. Het is jammer dat niemand van ons daar mee was. Hoe dat komt? Het is wat gokken op zo'n moment. Ik had me toen in de buik van het peloton gezet, het was niet aan mij om mee te springen." 

     

    "Op het lokale rondje hebben de jongens zich dood gereden om de gaten te dichten, wat ook lukte. Florian Vermeersch was ongelooflijk sterk vandaag. Maar we zaten met te weinig volk op het einde."

     

    "We spelen Lennert (Van Eetvelt, red.) en Arnaud (De Lie, red.) kwijt door een val en Stan (Van Tricht, red.) reed nog mee op halve kracht na een vroege val. Dat is wat malchance. In de sprint kwam ik finaal iets tekort, dat was meer kruipen dan sprinten."


    Op welk koersverloop had Nys gehoopt? "Ik hoopte om met een groep de laatste rechte lijn op te draaien. Op de klimmetjes kon ik heel goed mee, maar op de uitlopers miste ik net wat power om mee te kunnen."

     

    "Ik kon vandaag bergop overleven, maar niet meer dan dat. Dat ik nog top tien rijd, is een teken dat ik een goeie dag had en dat ik bij de sterksten in koers was", besluit hij.

    In de sprint kwam ik finaal iets tekort, dat was meer kruipen dan sprinten.

    Thibau Nys

    Vermeersch: "Er moest iemand bij die 9 zitten, maar bleven niet van pech gespaard"

    Florian Vermeersch was medekopman bij België. Hij reed een dijk van een koers, zette een scheve situatie mee recht en zorgde ervoor dat de Belgen tot het eind uitzicht hadden op een medaille. Op het eind was zijn vat wel af.

    Even leek het WK gereden, toen 9 renners op 40 kilometer van de streep 40 seconden namen. Zonder Belg erbij. Had Vermeersch daar niet mee moeten zijn? "Bwah, ik had ervoor een paar keer geprobeerd en het was vrij duidelijk dat de Nederlanders op mij en onze ploeg in het geheel gefixeerd waren."

    "Ze gingen net vanachter mijn rug, omdat ik redelijk vooraan zat. Daar moest altijd iemand van de Belgische ploeg meegeweest zijn. Maar we zijn niet gespaard gebleven van pech", vond Vermeersch een terecht excuus.

    "Ik denk dat er 3 jongens letterlijk uitgevallen zijn, of toch 2. Het was een beetje moeilijk om op dat moment alles alleen op te knappen."

    De 22-jarige prof van Lotto-Soudal had zo zijn idee over de vele valpartijen in de koers. "We zitten met een heel gemengd peloton: jongens met weinig ervaring en met iets meer ervaring. Eens we die lus voorbij Overijse voorbij waren, viel het goed mee omdat de eerste schifting gebeurd was. Ervoor was het echt heel gevaarlijk."

    Er waren enkele jongens letterlijk uitgevallen, het was een beetje moeilijk om op dat moment alles alleen op te knappen.

    Florian Vermeersch

    "Voelde me een van de sterksten, maar kreeg geen meter ruimte"

    In de laatste 2 ronden deed Vermeersch heel veel kopwerk en probeerde hij alles en iedereen terug te halen. "Dat was afgesproken. Als we in de plaatselijke ronden waren met een compacte groep, dan gingen we sprinten met Thibau of Arnaud (De Lie). Uiteindelijk was het ook zo."

    "Ik heb geprobeerd om alles dicht te houden en alles te pareren voor Thibau, maar Baroncini is een sterke renner. Toen hij demarreerde langs rechts, had hij al 10 meter toen ik dat gezien had. Dat kreeg ik niet meer dicht."

     

    Vermeersch, die in de tijdrit brons pakte, deed kopwerk tot de Sint-Antoniusberg, op 1,7 km van de finish. "Toen heb ik me laten uitzakken, want het beste was eraf."

     

    Wat onthoudt hij nu van dit WK? "Ik had het gevoel dat ik een van de sterksten in de koers was, maar de koerssituatie was niet echt in mijn voordeel. Ik werd heel hard gefixeerd en kreeg geen meter ruimte. Dat je sterk bent, is een vloek en zegen tegelijk. Maar ik heb een medaille in de tijdrit, daar ben ik ook al tevreden mee."

    Van Den Bossche: "Na mijn inspanning om mee te springen, reed een grote groep weg"

    Fabio Van Den Bossche belandde in een vroeg stadium bijna in de vitrine na een hapering. "Dat was een paniekmomentje, maar ik hield er niet veel aan over. Vlak na de Flandrien-lus probeerde ik mee te springen, maar na die inspanning reed er een grote groep weg."

    "Het was heel jammer dat we daar niet bij zaten. Je zag daar dat we al 2 renners hadden verloren. Anders hadden we elkaar beter kunnen aflossen bij het counteren."

    Heeft Van Den Bossche, van Sport Vlaanderen-Baloise op weg naar Alpecin-Fenix, een verklaring voor de vele valpartijen? "Het is een combinatie: de Vlaamse wegen waar nog niet veel renners op gekoerst hebben; wel of geen schijfremmen, wat een verschil in reactiesnelheid geeft; en het was ook maar 160 kilometer. Het moest in die ene lus in Overijse gebeuren."

    Wat als de profs nu om raad komen vragen? "Dat wordt een andere koers, maar onderschat het Flandrien Circuit niet. Voor je het weet zit je aan de volgende helling. Je hebt weinig tijd om op te schuiven."

    "Positioneren is belangrijk, net als die uitlopers na de klimmetjes. Daar kunnen mannen met body het verschil maken. Maar er zijn genoeg renners die dit parcours supergoed aankunnen."

    Fabio Van den Bossche

    Lees ook: