Niet olympisch, maar wel mega in Japan: maak kennis met Sumo-worstelen

    Een sumoworstelaar of rikishi traint, werkt en leeft in Japan, maar hoeft geen Japanse roots te hebben.

    De Olympische Spelen vinden deze zomer in Tokio plaats. Maar met één grote afwezige: de nationale sport van Japan: Sumo-worstelen. In 2 minuten ben je helemaal mee met de belangrijkste aspecten van dit gevecht onder zwaargewichten.

    Rikishi

    In een sumogevecht nemen twee sumoworstelaars of rikishi het tegen elkaar op. Het doel? Elkaar op de grond of uit de kring krijgen. Zo eenvoudig is het. 

     

    Rikishi hebben een bijzondere haarstijl en dragen een felgekleurde mawashi. Dat is een doek van 9 meter die ze rond hun middel winden.  Dat is niet alleen het enige wat ze aanhebben, maar ook het enige dat de tegenstander kan vastgrijpen.

     

    Rikishi komen voor in alle maten. Kleine rikishi, gespierde rikishi en
    gigantische rikishi.  Maar allemaal eten ze hetzelfde krachtvoer:
    Chanko Nabe. Dat is een bouillon met verse groenten, vlees, tofu en
    vis. 

    Een rikishi traint, werkt en leeft in Japan, maar hoeft geen Japanse roots te hebben. Momenteel kampen ook een Bulgaar, een Braziliaan en een Georgiër mee in de hoogste klasse. Om nog maar te zwijgen van de tientallen rikishi 

    met Mongoolse origine.

    Honbasho

    Zes keer per jaar vechten de rikishi tegen elkaar in een honbasho. Dat is een toernooi van 15 dagen waarbij de hoogste divisies het elke dag tegen elkaar opnemen. 

     

    Zo’n sumogevecht gaat als volgt:

    1. Bij het betreden van dohyo, gooit de rikishi een handvol zout in de arena. Het zout zuivert de dohyo, volgens de tradities van het Shintoïsme.

     

    2. Vervolgens kijken de rikishi elkaar dreigend aan. Het fysieke gevecht is nog niet begonnen, maar het mentale spel wel.

     

    3. De dreigende blik wordt gelost en de rikishi keren terug naar hun hoek om de eerste zweetdruppels af te vegen.

     

    4.  Nu is het tijd voor de echte confrontatie, de tachai. Van zodra de vuisten van beide rikishi de grond raken, roept de scheidsrechter of gyoji “Hakkeyoi”, wat zoveel wil zeggen als 'kom op dan’, het startschot voor de wedstrijd.

     

    5.  Na de match buigen beide rikishi nogmaals en krijgt de winnaar een stapel enveloppen met prijzengeld overhandigd door de gyoji. 


    Wie op het einde van de basho de meeste wins haalt, gaat naar huis met deze gigantische trofee. 

    Yokozuna

    Momenteel is er nog één rikishi met die titel: Hakuho.

     

    Yokozuna spelen altijd de laatste match van de dag. En als ze die verliezen, dan gooit het publiek hun zitkussen naar de dohyo.

     

    Geen sumo op de Olympische Spelen dus, maar wie al wat vroeger in de Japanse sportsfeer wil komen, kan vanaf 4 juli naar de vierde honbasho van 2021 kijken.