• pas verschenen
  • video
  • podcasts

    Minister Van Peteghem over fiscale voordelen in voetbal: "Excessen moeten eruit"

    Vincent Van Peteghem

    Minister Van Peteghem wil dit jaar nog met een nieuw plan komen.

    Gisteren stonden in het federaal parlement de fiscale voordelen van voetballers en voetbalclubs op het menu. Komt er een einde aan overheidssubsidies en de lage RSZ die profvoetballers betalen?  Bevoegd minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) is duidelijk: "Er is nood aan een diepgaande hervorming."

    Welke fiscale voordelen genieten spelers en clubs?

    • Voetballers in de Belgische eerste klasse betalen weinig bijdragen aan de sociale zekerheid. De 13,07% RSZ wordt niet berekend op hun werkelijke salaris, maar op een fictief bruto maandloon van 2.352 euro. 

     

    • De clubs betalen op hun beurt amper werkgeversbijdragen op de spelerslonen. In totaal gaat het om 25% op datzelfde fictieve minimumloon van 2.352 euro per maand.
     
    • Professionele sportclubs mogen in België de bedrijfsvoorheffing die ze moeten betalen, investeren in de eigen jeugdopleiding. Daaronder vallen bijvoorbeeld ook de lonen van U23-spelers. 
     
    • Volgens de berekeningen van Het Nieuwsblad kregen clubs in de Jupiler Pro League vorig jaar 200 miljoen euro aan overheidssteun, door die fiscale en parafiscale voordelen op belastingen en sociale bijdragen. 

    "Willen hervormingen dit jaar nog aanpakken"

    De lage sociale bijdragen en belastingsvoordelen die Belgische profclubs genieten, zijn al even voer voor discussie. België kent de laagste belastingsdruk op het profvoetbal in Europa. Daar moet volgens de Belgische politiek een einde aan komen.

     

    "We geven 200 miljoen per jaar cadeau aan het Belgische voetbal. Wat krijgen we daarvoor terug? De voorbije 10 jaar zijn de lonen van de spelers verdubbeld en de overheidssubsidies verdriedubbeld. In ons land geldt: hoe hoger je loon als sporter, hoe hoger de subsidie die je ontvangt. Dat is de wereld op zijn kop", stelde Dieter Van Besien (Groen) in het parlement.

     

    "Ik was verrast toen ik de cijfers las", zei minister Van Peteghem. "Het systeem dat we destijds invoerden was een logisch systeem. We gaven kleinere clubs de kans om te investeren in de eigen jeugdopleiding, omdat ze de bedrijfsvoorheffing niet moesten doorstorten naar de staatskas."

    Het is niet onze taak om de hoge lonen van voetballers te ondersteunen.

    Minister Van Peteghem

    "De regels die we opstelden, bevatten ook de lonen van de U23-spelers bij voetbalclubs. Zo krijg je een vicieuze cirkel. Als je meer loon betaalt, ga je ook meer bedrijfsvoorheffing moeten betalen, waardoor je extra voordeel doet", ging minister Van Peteghem verder.

     

    "We moeten ons afvragen of de regels proportioneel zijn met de doelstellingen die we voor ogen hadden. Het is niet onze taak om de hoge lonen van voetballers te ondersteunen. Het voordeel voor de clubs zorgde daarom net voor hogere lonen in het profvoetbal." 

     

    "Als we vandaag de cijfers bekijken van de afgelopen 10 jaar, dan denk ik dat het hoog tijd is om daar iets aan te doen. We hebben dat al afgesproken in het regeerakkoord en er zijn al initiatieven genomen in het parlement. We willen het zeker dit jaar nog aanpakken."

    "Er is nood aan diepgaande hervorming"

    Niet enkel de bedrijfsvoorheffing is een heikel punt. Ook de lage RSZ die profvoetballers betalen ligt onder vuur. Een speler in de Jupiler Pro League betaalt het laagste cijfer aan sociale bijdragen in Europa. 

     

    "Het klopt dat bijvoorbeeld een poetsvrouw meer sociale bijdragen moet betalen dan een voetballer", reageerde minister Van Peteghem. "Daar moeten we iets aan doen. De lonen van de jeugdspelers worden gezien als een investering in de jeugd, daar moet iets aan veranderen. Die excessen moeten er sowieso uit."

    Het klopt dat bijvoorbeeld een poetsvrouw meer sociale bijdragen betaalt dan een voetballer, daar moeten we iets aan doen.

    Minister Van Peteghem

    "De regering zal de huidige fiscale en parafiscale voordelen voor beroepssporters hervormen met het oog op meer billijkheid opdat iedereen een eerlijke bijdrage levert op basis van de draagkracht van de sport. Laat me duidelijk zijn: er is nood aan een diepgaande hervorming."

     

    "We moeten de ongelijkheid in voordelen tussen de professionele voetbalclubs en de kleinere sportclubs wegwerken. Maar we moeten elk Belgisch sporttalent, in welke sport dan ook, blijven ondersteunen. Met het huidige systeem helpen we hen vandaag niet vooruit", besloot de minister van Financiën.