Waarom had Sam Bennett last van zijn maag? "Combinatie van duur, intensiteit en te veel eten"

    Sam Bennett werd gisteren uiteindelijk 55e op 4'40" van Wout van Aert.

    Je kan diep gaan en je kan te diep gaan. Sam Bennett deed er gisteren alles aan om de finale van Gent-Wevelgem te overleven, maar het werd uiteindelijk... overgeven. Waarom sputterde de maag van de 30-jarige spurter en hoe had de Ier de lekke brandstoftank kunnen vermijden? 

    Gent-Wevelgem kende gisteren een stevig koersverloop. Al op 180 kilometer van de finish werd er staalhard gekoerst en dat eiste op het einde duidelijk zijn tol bij spurtbom Sam Bennett (30). 

     

    De Ier van Deceuninck-Quick Step gaf na de laatste beklimming van de Kemmelberg zijn maaginhoud terug aan de natuur en moest de kopgroep - met onder meer winnaar Wout van Aert - daarna helemaal leeg laten rijden.

     

    "De meest voorkomende reden voor maag- en darmproblemen tijdens een wedstrijd zijn de duur van de activiteit en ook de intensiteit van de inspanning", vertelt Stephanie Scheirlynck.

     

    Scheirlynck is topsportdiëtiste en werkt onder meer voor wielerteam Trek-Segafredo, voetbalploeg RSC Anderlecht, en tal van andere topsporters, onder wie Greg Van Avermaet, Nafi Thiam en Jolien D'hoore. 

     

    "Het was een enorm zware koers, zeker voor een sprinter als Sam Bennett. Normaal gezien is hij een afwerker en kan hij in een sprintersetappe lang in de buik van het peloton zitten zonder al te veel inspanningen te leveren."

     

    "Doordat de koers gisteren zo vroeg zo hard werd gemaakt, moest hij al meteen een versnelling hoger schakelen. Daardoor gaat er veel meer bloed naar de spieren, maar dat bloed is eigenlijk nodig in de maag om de vertering daar op gang te houden."

     

    "Op die manier werkt de vertering veel trager en dan moet je goed opletten dat je niet te veel eten opneemt, want anders blijft het op je maag liggen."

     

    "Bennett koerste gisteren echt op zijn limiet en de duur en de intensiteit van zijn inspanning in combinatie met te veel te eten heeft hem volgens mij meer fragiel gemaakt om last te krijgen van zijn maag."

    Doordat de koers gisteren zo vroeg zo hard werd gemaakt, moest Bennett al meteen een versnelling hoger schakelen. Daardoor gaat er veel meer bloed naar de spieren, maar dat bloed is eigenlijk nodig in de maag.

    Voedingsdeskundige Stephanie Scheirlynck

    "Goed doseren is heel belangrijk"

    De Ier van Deceuninck–Quick Step gaf gisteren ook zelf toe dat hij een fout had gemaakt door te veel eten. Volgens Scheirlynck is het enorm belangrijk om te doseren.


    "Je moet inderdaad veel eten en drinken tijdens zo'n koers, maar de maag is een beperkende factor. Per uur mag je maximaal 90 gram koolhydraten opnemen. Dat staat ongeveer gelijk aan 1 drinkbus en 2 of 3 gelletjes. Sommige profs kunnen nog hoger gaan, maar dat is heel individueel."


    "Als je nog meer gaat eten, dan kan je lichaam dat niet meer absorberen. Dat is niet erg als je 1 of 2 uur net iets te veel binnenspeelt, maar als je dat gedurende de hele wedstrijd doet, dan kan je maag- en darmklachten krijgen."


    "Bovendien krijg je op die manier de nodige suikers niet meer in de spieren, want er ontstaat als het ware een wachtrij in je maag. Door die opstapeling kan je spijsvertering de voeding niet meer omzetten in energie en bij Bennett moest het er zelfs weer uit."

    "Alles op voorhand uittesten"

    De meeste profs zijn getraind om veel energie te kunnen opnemen, maar toch bestaan er nog valkuilen. Volgens Stephanie Scheirlynck is een goede voorbereiding cruciaal.

     

    "Het belangrijkste is dat je alles uittest. Je maag- en darmsysteem moet eigenlijk getraind worden, net zoals je je spieren traint."

     

    "De meeste profrenners doen dat door op stage goed op te bouwen en op training telkens de voeding op te nemen die ze ook in een wedstrijd zouden eten."

     

    "Op die manier weten ze ook dat wat op training lukt qua voedselinname, ook wel in de wedstrijd zal lukken. Maar de grootste valkuil voor de meeste renners is dat het in het heetst van de strijd moeilijk is om dat nog in de gaten te houden."

     

    "Dat vertolkt zich meestal in een "klop van de hamer" waarbij je te weinig hebt gegeten, maar gisteren was het bij Sam Bennett het tegenovergestelde."

    Het belangrijkste is dat je alles uittest. Je maag- en darmsysteem moet eigenlijk getraind worden, net zoals je je spieren traint.

    Voedingsdeskundige Stephanie Scheirlynck

    Enkele tips voor de amateursporter:

    Ook de amateursporter en zondagsrijder tast soms graag eens zijn grenzen af, maar dan is de juiste hoeveelheid voeding van groot belang volgens Scheirlynck. Zowel voor als tijdens de inspanning. 

    • Neem een stevige maaltijd de avond voor je inspanning:
      "De voorbereiding begint al de avond voor je grote inspanning. Je moet ervoor zorgen dat je de avond voordien je energietank goed vollaadt. Een goede pasta of iets met rijst. Een beetje meer dan dat je anders zou eten, maar je moet ook niet overdrijven."

    • Neem een licht verteerbare maaltijd net vòòr je vertrekt:
      "De ochtend voor de inspanning is het belangrijk dat je opnieuw koolhydraten opneemt. Die maaltijd moet licht verteerbaar zijn, want je lichaam heeft de tijd niet om iets zwaars te verteren. Bovendien eet je het liefst niet te vroeg voor je vertrekt. Ideaal is om 1,5 of 2 uur voor het vertrek te iets te eten."

    • Eet en drink genoeg tijdens de inspanning:
      "Maar het meest cruciale moment om te eten is tijdens je inspanning. De clou van het verhaal is om vanaf het eerste uur al die 60 tot 90 gram koolhydraten (dus 1 drinkfles + 1 à 2 energierepen/gels) op te nemen en dat elk uur opnieuw te doen."

    • Sla geen uur over:
      "Het is ook heel belangrijk om systematisch te blijven eten. Het heeft geen zin om eerst 2 uur niets te eten en daarna dan alles in 1 keer naar binnen te spelen, want dan is het te laat"