Julie Van de Velde, van de spikes naar Jumbo-Visma: “Kon deze kans niet laten liggen”

    Jumbo-Visma rijdt sinds dit jaar ook mee in het vrouwenpeloton. Marianne Vos is het uithangbord van dat nieuwe Nederlandse team en er rijdt ook één landgenote in het geel-zwarte shirt: Julie Van de Velde. Zij was eerst een prima atlete, maar moest door blessures de spikes ruilen voor de koersfiets. “Het is wel bizar dat ik nu in een andere sport misschien toch op de Spelen geraak.”

    Van de Velde ruilde deze winter de Lotto-Soudal Ladies voor het nieuwe Jumbo-Visma, dat nu naast een mannen- dus ook een vrouwenteam heeft. 

     

    “Dat is altijd een voordeel, want dan kan je profiteren van de logistieke kennis en ervaring van de mannen", vertelt ze.

     

    "Onze performance manager heeft ook heel veel contact met die van de mannen. Die kennis zullen we supergoed kunnen gebruiken om te groeien als team.”

     

    Soms kan dat praktische voordeel ook in iets kleins zitten: “Ik was vorige maand samen met een ploeggenote nog last-minute op stage getrokken naar Tenerife. De mannenploeg was er ook op stage."

     

    "Op een dag hadden we wat repen tekort en dan hebben we de mannen gecontacteerd om te horen of we er van hen konden krijgen.”

     

    (lees meer onder het artikel met de voorstelling van de ploeg)

    Unieke kans

    Van de Velde moet haar eerste koers nog rijden voor haar nieuwe ploeg, maar is er goed ontvangen. 

     

    “Door corona hebben we elkaar pas in januari op een trainingskamp ontmoet. Daar heb ik al enkele leuke gesprekken met Marianne Vos gehad. Ik voelde me meteen op mijn gemak in de ploeg.”

     

    Van de Velde kon ook blijven bij de Lotto-Soudal Ladies. “Maar ik kon deze kans niet laten liggen. Ik keek ook op naar de prestaties van de mannen, als je ziet hoe goed zij bezig waren vorig jaar."

     

    "Het was een unieke kans om deel uit te maken van zo’n sterke ploeg. En dat zal misschien ook wel voor druk zorgen, maar we moeten het eerste jaar zien als een overgangsjaar en de tijd nemen om te groeien.”

    Schrik in het peloton

    Zaterdag begint Van de Velde met de Strade Bianche aan haar vijfde seizoen. “Ik kan dus nog veel leren en fysiek nog stappen zetten, want je top bereik je meestal rond je dertigste."

     

    "Bovendien heb ik nog altijd wat schrik om in het peloton te rijden. Die ervaring moet ik ook nog opbouwen, om zo meer op mijn gemak te zijn.”

     

    “Nu zit ik vaak achteraan in het peloton en dat beïnvloedt soms mijn uitslag, want als je dan te ver zit op een belangrijk punt kan je een goeie uitslag vergeten."

     

    "Maar ik werk eraan, gewoon door ervaring op te bouwen en ook met een mental coach – iemand van de ploeg, en dan heb ik ook nog mijn persoonlijke mental coach.”

    Atletiek blijft knagen

    Van de Velde is pas laat met fietsen begonnen, daarvoor was ze een prima atlete. Vooral het veldlopen lag haar, zo werd ze in 2016 bijvoorbeeld derde op het BK in Wachtebeke. 

     

    “Door blessures ben ik moeten stoppen en zo ben ik overgeschakeld naar de fiets. Het blijft wel knagen, dat ik uit de atletiek niet alles heb kunnen halen.”

     

    “In het lopen haalde ik ook sneller voldoening uit een prestatie. Want daar wint meestal de sterkste, en als je goed getraind hebt, weet je dat je goed zal presteren."

     

    "Maar in de koers komen er zoveel andere factoren bij kijken: pech, slechte positionering, … . En op die manier ben ik al veel vaker ontgoocheld geweest dan dat ik tevreden was in de koers.”

    Ik ben al veel vaker ontgoocheld geweest dan dat ik tevreden was in de koers.

    Julie Van de Velde

    Coureur-kinesiste

    2021 wordt pas het tweede jaar dat Van de Velde voltijds prof is, daarvoor combineerde ze de koers met een job als kinesiste. 

     

    “Nu kan ik trainen wanneer ik wil, terwijl daarvoor mijn werk toch op de eerste plaats kwam. Ik kan ook veel meer rusten, dat scheelt ook in frisheid. En ik had ook een contactberoep, waardoor ik wat vaker ziek was.”

     

    Alleen maar voordelen dus, al viel vorig jaar, ook door corona, wat tegen. “Ik zat toen niet zo goed in mijn vel en was ook heel vaak ziek. Mijn weerstand zat onder nul. Maar nu voel ik me opnieuw veel beter.”

    In Ardennen ticket voor Tokio afdwingen

    De Ardense klassiekers worden haar eerste doel, met daarna rust en een hoogtestage. 

     

    “Dan volgt de Giro en hopelijk ook de Olympische Spelen. Op die selectie (3 vrouwen, van wie 1 ook de tijdrit rijdt, nvdr.) is het wachten tot begin juni. Als ik in de Ardense klassiekers op niveau kan presteren, denk ik dat ik goeie papieren kan voorleggen. Want het parcours in Tokio ligt me wel, met veel hoogtemeters.”

     

    “Al van kinds af droom ik van de Spelen. In de atletiek zou dat moeilijk geweest zijn. Het is wel bizar dat het nu misschien werkelijkheid wordt in een andere sport.”

     

    Maar eerst dus de Strade, die ze voor de vierde keer zal rijden. Een 22e plek in 2019 is tot nu toe haar beste resultaat. 

     

    “Bergop ligt die koers me zeker, bergaf iets minder”, lacht ze. “Maar vorig jaar heb ik met Liesbet De Vocht nog extra getraind op die stukken bergaf en zo kreeg ik wel een beter gevoel op die steentjes.”

     

    Zien of dat loont, al is de Strade Bianche geen hoofddoel voor Van de Velde. “Ik zie het dit jaar als een voorbereidingswedstrijd en ik hoop vooral dat ik iets zal kunnen doen voor de ploeg.”

    Beluister hier de radioreportage: