• pas verschenen
  • video
  • podcasts

    Sanne Cant voor BK: "Zou raar zijn om na 11 jaar die trui niet meer te hebben"

    Sanne Cant in haar vertrouwde Belgische driekleur.

    Sanne Cant in haar vertrouwde Belgische driekleur.

    Sanne Cant kan zich zondag in Meulebeke voor de 12e keer op rij tot Belgische kampioene veldrijden kronen. "Normaal gezien mag dat geen probleem zijn", klinkt het zelfverzekerd.

    Voor de laatste overwinning van Sanne Cant moeten we al teruggaan naar het BK van 2020. Toch lijkt de drievoudige wereldkampioene geen stress te hebben na bijna een jaar zonder zege. "Het BK is een wedstrijd als een andere. Ik ben het wel gewoon om een BK te rijden", zegt een nuchtere Cant bij Sporza.

     

    "Het is nu al 11 jaar op rij gelukt. Het zou wel raar zijn om na 11 jaar die trui niet meer te hebben. Ergens zit het wel in mijn achterhoofd dat het na al die jaren wel eens kan mislukken. Je kunt altijd een slechte dag hebben of materiaalpech hebben. Op zich is 11 jaar ook al straf."

     

    "Maar de laatste weken gaat het weer beter. Ik kan opnieuw meestrijden voor het podium. Ik ben nog niet in topvorm, maar het is best oké. Op het BK moet het normaal gezien wel lukken."

    Ik ga gewoon uitgaan van mijn eigen kracht.

    Sanne Cant

    "Het parcours? Dat mag geen probleem zijn, ook niet als het lastig is. Ik ben klaar voor alles. Ik verwacht wel een zware omloop na de regen van de voorbije dagen."

     

    Alicia Franck, Lotte Kopecky en Laura Verdonschot lijken de voornaamste concurrentes van Cant. "Het is moeilijk in te schatten wie van hen de sterkste is. Lotte heeft geen druk, maar ik denk dat zij misschien technisch net tekort komt. Laura is het dan weer gewoon om te concurreren op het BK."

     

    "Alicia Franck is wel echt in topvorm, maar het wordt voor haar de eerste keer dat ze op een BK meedoet voor het podium. Zij zal het misschien wat lastiger hebben met de stress. Het zijn allemaal vraagtekens. Ik ga gewoon uitgaan van mijn eigen kracht."

    Het volledige interview met Sanne Cant: