• home
  • video
  • pas verschenen

    Waarom gaan topkeepers als Courtois en Ter Stegen meer in de fout? "Simpele wiskunde"

    Thibaut Courtois

    Thibaut Courtois baalt.

    Thibaut Courtois tegen Alaves of Marc-André Ter Stegen tegen Atletico, zelfs de beste doelmannen ter wereld lijken tegenwoordig vaker dan vroeger aan de basis te liggen van een tegengoal. Sporza zocht naar een verklaring met doelmannentrainer Guy Martens en Peter Vandenbempt.

    Meer meevoetballen: meer de bal hebben is meer fouten

    Laat ons beginnen in de eigen competitie. Cijfers tonen dat de doelmannen in de Jupiler Pro League dit seizoen meer fouten maken die rechtstreeks tot een tegengoal leiden dan de vorige twee seizoenen. Dit seizoen wordt elke 2 speeldagen zo'n directe fout gemaakt door een van de 18 doelmannen in de JPL. Vorig seizoen was dat om de 2,5 speeldagen. 

     

    Interessanter is om te kijken naar de redenen waarom doelmannen de laatste jaren meer in de fout gaan. Peter Vandenbempt ziet er twee. Te beginnen met wat er tegenwoordig gevraagd wordt van doelmannen. "Een moderne trainer wil dat zijn doelman meespeelt en uitvoetbalt."

     

    Volgens de cijfers ligt het aantal balcontacten van doelmannen dit seizoen in de JPL 8 procent hoger dan de vorige drie seizoenen. "Keepers komen dus meer aan de bal en dan is het simpele wiskunde om te weten dat het risico op fouten groter wordt." 

     

    "Neem Michel Preud'homme vroeger. Die had ook een goede techniek, maar hij kwam veel minder aan de bal met zijn voeten. Moderne trainers willen ook niet dat een doelman zo maar lang speelt."

     

    Dat blijkt ook uit de cijfers voor de JPL. In het seizoen 2016/2017 speelden de doelmannen nog in 75% van de gevallen de bal lang en slechts 25% kort. Het aantal korte ballen is dit seizoen ondertussen al gestegen naar 43% (stijging van 18%) en nog maar 57% lange ballen. In de vijf Europese  topcompetities is er in 5 seizoenen zelfs een stijging van 20 procent meer korte passes in het totale aantal passes.

    In het seizoen 2016/2017 speelden de doelmannen nog in 75% van de gevallen de bal lang en slechts 25% kort. Het aantal korte ballen is dit seizoen ondertussen al gestegen naar 43%.

    Jupiler Pro League

    Seizoen

    % korte goalkick

    % lange goalkick

    2016/2017

    25%

    75%

    2017/2018

    23%

    77%

    2018/2019

    32%

    68%

    2019/2020

    37%

    63%

    2020/2021

    43%

    57%

    Meer druk op de doelman: sneller handelen is meer fouten

    Van doelmannen wordt dus verwacht dat ze meer meevoetballen, maar reden nummer twee voor meer fouten is dat ook de druk op hen is toegenomen. 

     

    "Een kenmerk van een dominante ploeg in het moderne voetbal is druk naar voren zetten om het uitvoetballen te beletten", zegt Vandenbempt. "Dat betekent dat je sneller moet handelen en ook dan wordt de kans op fouten groter."

     

    Guy Martens, de befaamde keeperstrainer van Racing Genk, die ook Thibaut Courtois opleidde, beaamt die uitleg en legt de recente fout van Courtois tegen Alaves uit (zie video). 

     

    "Thibaut probeert in die fase met 1 pass de twee of soms drie mensen die druk komen zetten op de doelman en centrale verdedigers, uit te schakelen. Dat doet hij omdat dat een opdracht is. Lukt het, dan heb je als ploeg zeker balbezit, zijn al drie mensen uitgeschakeld en kan je meteen bouwen met je middenvelders. Helaas ging het tegen Alaves fout."

    "Neuer op het WK 2014 was wereldnieuws"

    In de evolutie die doelmannen doormaken was het WK 2014 een kantelpunt. In de wedstrijd tussen Duitsland en Algerije werd het de hele wereld duidelijk dat doelmannen niet enkel in hun strafschopgebied willen heersen.

     

    "Manuel Neuer speelde in die 1/8e finale tegen Algerije als een libero, een Franz Beckenbauer van zijn tijd. Dat was toen echt wereldnieuws. Iedereen schreef daarover", herinnert Peter Vandenbempt zich. "Tegenwoordig vinden we dat veel minder opvallend omdat veel meer doelmannen dat doen."

     

    Neuer geldt inderdaad als het prototype van een meevoetballende doelman, bevestigt Guy Martens. De evolutie om doelmannen meer en meer op te leiden als meevoetballende spelers is wel al iets langer bezig en werpt daarom ook meer een meer zijn vruchten af in het professionele voetbal.

     

    "Bij Genk bijvoorbeeld hebben wij meer dan 10 jaar geleden als uitgangspunt genomen dat er op de leeftijd van 6-10 jaar geen doelmannen bestaan. We spelen in die leeftijdscategorieën eigenlijk met iemand die alles met zijn voeten moet doen als een libero en alleen als er geen enkele andere optie meer is, zijn handen mag gebruiken."

     

    "Thibaut Courtois bijvoorbeeld was tot ongeveer zijn 12 jaar gewoon voetballer en is daarna pas echt doelman geworden." 

    Bij Genk hebben wij meer dan 10 jaar geleden als uitgangspunt genomen dat er op de leeftijd van 6-10 jaar geen doelmannen bestaan. We spelen met iemand die alles met zijn voeten moet doen als een libero tenzij het echt niet anders kan.

    "Nederland heeft al even geen topkeeper meer omdat slinger is doorgeslagen"

    Niet alleen Manuel Neuer, ook Ederson van Manchester City vindt Guy Martens een goed voorbeeld van de meevoetballende doelman. Iedereen herinnert zich hoe Pep Guardiola aandrong op de komst van een meevoetballende doelman toen hij in Engeland arriveerde. 

     

    In de pikorde van criteria bij de keuze voor een doelman heeft het voetenwerk de laatste tijd een serieuze sprong naar boven gemaakt. "Ik weet niet of voetenwerk in de top drie staat, maar het is in elk geval wel heel belangrijk geworden", zegt Martens. "Samen met reflexen, lengte, atletisch vermogen etc. ."

     

    "Mijn stelling is vaak dat je het vertrouwen van een doelman kan meten aan hoe ver hij uitkomt. Simon Mignolet van Club Brugge heeft veel vertrouwen en dat zie je aan hoe ver hij soms uit zijn doel durft komen."

     

    Tegen Moeskroen stond Mignolet in het competitieduel op een bepaald moment zelfs bijna aan de middenlijn, met twee van zijn eigen verdedigers achter hem. "Een onwaarschijnlijk beeld", vindt Peter Vandenbempt.

     

    "Dat was extreem, maar toont ook zijn vertrouwen", zegt Guy Martens. De keepertrainer van Genk waarschuwt wel dat de slinger niet mag doorslaan. Zeker niet in de opleidingen. 

     

    "In Nederland heeft men heel lang een enorme aandacht besteed aan de voetballende kwaliteiten van keepers, maar te weinig aan het "traditionele werk". Wat zien we, dat Nederland al een hele tijd geen wereldkeeper meer heeft gehad."

    Mignolet (in het blauw) tegen Moeskroen en zijn heatmap van het seizoen

    Soms gaat het meevoetballen fout

    Het artikel uit 2014