• home
  • video
  • pas verschenen

    "Een vreemde man schudde mijn hand en plots was mijn bidon open: maffia?"

    Thomas De Gendt

    Thomas De Gendt

    Thomas De Gendt heeft met Solo een biografie uitgebracht, opgetekend door wielerjournalist Jonas Heyerick. In het boek vertelt De Gendt openhartig over depressie en huwelijksproblemen en bekent hij zelfs dat hij dit voorjaar aan stoppen dacht. Sporza sprak met De Gendt bij de voorstelling van zijn boek.

    "Hele dag vertellen was vermoeiender dan dag in peloton"

    Hoe is het idee ontstaan om een boek te schrijven? "Ik kreeg de vraag van de uitgeverij", legt Thomas De Gendt uit. "Aanvankelijk zei ik neen, maar uiteindelijk was ik toch gewonnen voor het idee."

     

    "Ik heb alle mappen van mijn vrouw met krantenknipsels bovengehaald, van de jeugdjaren tot nu. Bij elk artikel waar ik nog een verhaal bij wist, heb ik dan iets verteld."

     

    "Het was toch wel verrassend hoeveel verhalen en anekdotes er dan weer bovenkwamen. Het was leuk om alles nog eens te doorbladeren en die herinneringen boven te halen, al was zo'n hele dag vertellen mentaal wel vermoeiender dan een dag op de fiets in het peloton."

    Depressie en huwelijksproblemen: "Zit nu weer goed"

    In zijn boek is Thomas De Gendt bijzonder openhartig over zijn persoonlijke problemen in 2017. Hij sukkelde met een depressie en bovendien stond zijn huwelijk met Evelyn op springen.

     

    "Ik heb er wel met haar over gesproken of we daar zo open over zouden zijn. Zij heeft haar goedkeuring gegeven. Het zit intussen weer heel goed met ons huwelijk. Daarom heb ik nu vertrouwen genoeg om daarover te spreken."

    Fragment uit Solo:

    "In 2017 heb ik op privévlak een enorm moeilijke periode gekend. Ik moet het durven te benoemen. Ik zat met een depressie en we hadden huwelijksproblemen. Of beter, ik had huwelijksproblemen, Evelyn heeft daar lange tijd niks van gemerkt."

     

    "In mei was ik drie weken op stage in Calpe. Ik herinner me dat ik op een dag wilde gaan trainen. Ik liep de trap af om mijn fiets uit de garage te halen, maar beneden aan de trap stortte ik in. Ik ben gaan zitten en heb een halfuur gehuild als een klein kind."

    "Dit voorjaar dacht ik aan stoppen"

    Misschien verrassend voor een renner die nog zo vlot meedraait in het peloton: Thomas De Gendt dacht dit jaar aan stoppen. "Door het coronavirus zat ik dit voorjaar redelijk comfortabel thuis. Het was zoals mijn leven vlak na de koers zal zijn", vertelt hij.

     

    "Ik miste de koers op zich niet, wel het onderweg zijn met de ploegmaats en de doelstellingen die daarbij horen. Ik was ook einde contract en de gesprekken verliepen moeizaam. Daardoor zat het wel in mijn hoofd om te stoppen."

     

    "Intussen heb ik wel mijn contract verlengd en is de goesting om te koersen ook teruggekeerd. Ik zal dus nog zeker twee jaar met volle goesting koersen, al voel ik wel dat de aftakeling begint. Ik wil op een goed moment stoppen, als ik me er goed bij voel."

    Fragment uit Solo:

    "Eerlijk? De afgelopen maanden heb ik getwijfeld om de fiets aan de haak te hangen. Waarom? Omdat ik het koersen en de wedstrijden op zich gedurende de lockdown op geen enkel moment gemist heb."

     

    "En trainen, gewoon fietsen voor het plezier, dat kan altijd. Omdat mijn contract na dit seizoen toch afliep en ik al 33 jaar ben, speelde het dus door mijn hoofd: waarom niet stoppen?"

    "Misschien heb ik te veel maffiafilms gekeken"

    Een dag na zijn fantastische zegetocht op de Stelvio in de Giro van 2012 maakte Thomas De Gendt een bizar tafereel mee in Milaan, voor de start van de tijdrit.

     

    "Een vreemde man bleef maar mijn hand schudden en verdween dan plots. Even later merkte ik op dat mijn bidon ineens open was. Die twee dingen samen vond ik zo vreemd dat ik mijn bidon maar leeggegoten heb. Maar misschien heb ik ook gewoon te veel maffiafilms gekeken", lacht hij.

     

    "Die overwinning op de Stelvio was wel mijn mooiste zege, omdat het de eerste was in een grote ronde. De ritwinst in de Vuelta deed me dan weer het meeste plezier, omdat ik zo het drieluik Giro-Tour-Vuelta volbracht. Het was zeker een van mijn meest emotionele zeges."

    Fragment uit Solo:

    "Als ik me naar het parcours begeef voor een laatste verkenning van de tijdrit, lijkt het alsof de hele wereld me wil komen feliciteren en een hand wil komen geven."

     

    "Plots komt er een heel vreemd figuur op me af. Een Italiaanse man in maatpak – ik moet meteen aan de maffia denken – die me recht in de ogen kijkt, “Ciao, complimenti”, mompelt, en me ondertussen een stalen handdruk geeft."

     

    "Ik glimlach, maar voel me meteen ongemakkelijk.Die gast blijft mijn hand een paar seconden vasthouden en intussen recht in mijn ogen kijken. Ik stamel merci en probeer mijn hand terug te trekken. Maar hij blijft ze nog even gedecideerd vasthouden en laat dan plots los."

     

    "Hij verdwijnt meteen, net als een paar mensen die rond ons waren komen staan. Zeer vreemd. En het wordt nog vreemder, want als ik mijn bidon wil nemen om te drinken, merk ik dat de dop openstaat. Tiens, ik ben nochtans zeker dat ik die daarnet had dichtgedaan…"

    De trukendoos van De Gendt: "Toneelspelen moet"

    Als gepatenteerd vluchter weet Thomas De Gendt dat het vaak meer dan alleen maar de benen zijn die beslissen over winst of verlies. "Mentaal kun je andere renners een richting uitduwen door ze proberen te bespelen", klinkt het.

     

    "In een aanval is het soms puur het gevoel dat primeert, soms moet je dan weer puur wiskundig voortgaan op je wattagemeter. Het hangt ervan af hoe de benen zijn."

     

    Maar er zijn ook trucjes: "Als het heel hard bergop gaat gewoon even zwaaien naar iemand langs de kant die je niet kent. Dan denken ze dat je nog fris zit. Dat heeft me toch al een paar keer geholpen."

    Fragment uit Solo:

    "Af en toe een beetje toneelspelen moet. Als ik afzie, verberg ik dat behoorlijk goed. En als ik niet afzie, doe ik soms alsof ik niet meer kan."

     

    "Of net het omgekeerde: als ik me niet 100% voel, doe ik me soms beter voor dan ik ben. Dan ga ik net iets harder op kop rijden, ook al zit ik tegen of zelfs over mijn limiet. Zo boezem je de tegenstand angst in: "Amai, we mogen al blij zijn dat we Thomas kunnen volgen"."

     

    "Nog een truc is zwaaien naar iemand die langs de kant van de weg staat, ook al ken je hem totaal niet. Dan denken je medevluchters vaak: "Amai, hoe fris zit die! Hij is zelfs nog lucide genoeg om supporters te herkennen en te groeten." Mentaal de bovenhand hebben, is vaak veel waard."

    Het volledige gesprek met Thomas De Gendt bij zijn boekvoorstelling: