• home
  • video
  • pas verschenen

    Worden er te weinig dopingtests uitgevoerd? "Financiële middelen zijn nu eenmaal beperkt"

    De Belgische dopingjager Peter Van Eenoo trekt aan de alarmbel. Volgens hem wordt er nog altijd veel te weinig op doping gecontroleerd. En dat was al zo voor de coronacrisis. Het Wereldantidopingagentschap WADA is het niet helemaal eens met die stelling. "We hebben geen geld om de kwantiteit eindeloos te verhogen dus we investeren in kwaliteit", zegt directeur generaal Olivier Niggli.

    Door de coronacrisis staan de dopingtests op een laag pitje, maar volgens Van Eenoo van het Gentse dopinglab wordt er ook in normale omstandigheden niet genoeg gecontroleerd. Het aantal controles is de voorbije jaren wel gestegen: van 151.000 stuks in 2003 naar 344.000 in 2018. Maar volgens Van Eenoo moet dat cijfer nog maal 10.

     

    "Van Eenoo is een heel goede wetenschapper en we appreciëren dat hij soms een eigenzinnige mening heeft", vertelt Olivier Niggli in een gesprek met Sporza."En in een ideale wereld waar geld geen bezwaar is, zou ik het zeker met hem eens zijn. Maar dat is niet de realiteit. Onze middelen zijn beperkt en daarom focussen we niet op kwantiteit maar wel op de kwaliteit van de testing. Hoe kunnen we gericht en kostenefficiënt testen?"

     

    ""Random testing" is een concept uit het verleden. We willen strategisch testen. Nu zijn 1 tot 1,5 procent van onze testen positief en dat percentage moet omhoog. Daarom moeten we het proces begrijpen. Wanneer zou een atleet zich doperen. We investeren ook in innovatie zoals het ontwikkelen van goedkopere testen."

    Het WADA heeft minder geld dan een voetbalclub, misschien wel minder dan het jaarloon van een voetballer.

    "20 jaar geleden waren dopingtesten ons enige wapen in de strijd tegen doping, dat is nu niet meer het geval. Dopingtesten focussen zich ook vaak op individuele atleten, maar er zit bijna altijd een netwerk achter. Wie helpt die atleet aan die verboden producten? Dat proberen we te achterhalen."


    Geld blijkt dus het grootste struikelblok om de wens van Van Eenoo in vervulling te doen gaan. "Dat klopt. De strijd kost veel geld. We moeten mensen nog meer overtuigen van het belang van integere sport. Dan zullen ook private sponsors ons misschien steunen. Want zij hebben er toch ook baat bij dat de sport waar ze in investeren clean is. Nu heeft het WADA minder geld dan een voetbalclub, zelfs minder dan het jaarloon van een voetballer."