• home
  • video
  • pas verschenen

    De klassiekers van Michel Wuyts: Frank Vandenbrouckes vernuft in Gent-Wevelgem 1998

    Michel Wuyts genoot van Vandenbrouckes tactisch vernuft in Gent-Wevelgem 1998.

    Michel Wuyts genoot van Vandenbrouckes tactisch vernuft in Gent-Wevelgem 1998.

    Het klassieke wielervoorjaar is naar de vaantjes en dat betekent dat we vandaag niet moeten verlangen naar een winnaar van Gent-Wevelgem. Geen koers betekent ook geen Michel Wuyts op de buis. Maar onze commentator heeft zijn stem ingeruild voor zijn pen. Bij elke klassieke afspraak grasduint hij in zijn koffer met herinneringen en anekdotes.

    Schoonheid was zijn handelsmerk

    Het was het zachte wiegen van het tengere lichaam dat Frank van de rest onderscheidde. Zelfs als hij klom, was hij mooi. Frank Vandenbroucke maakte van schoonheid zijn handelsmerk.

     

    Hij legde zijn hoofd een tikkeltje rechts in zijn nek, puntte galant zijn grote tred en legde zijn polsen zacht op de remkoppen. Smeltsneeuw kon dat beeld niet vertroebelen. Ik zie hem nog op de Col de la République soepel Jalabert, Garcia en Zülle naar af wijzen. Hoe hij erin geslaagd was, weet ik niet: voorbij de aankomst boven Saint-Etienne had niet één spat dooivocht zijn witte trui bezoedeld. Hij veegde zijn gezicht schoon, snoof wat koude Alpenlucht op en reageerde zelfbewust op mijn uitlokkende vraag: "Ik ga het voor één keer toch zeggen, ik ben hier de beste."


    Dat was Frank ook. Al zou hij niet zonder horten of stoten die Parijs-Nice winnen. Zoals zo vaak speelde zijn gedeformeerde knie op. Het gevolg van een ei zo na fataal ongeval bij een oefenrit op de Rally van Ieper. Frank was 5 toen zijn knie door een onverlaat naar de filistijnen geholpen werd. Na hevige inspanningen viel aan de zeurende tot schurende pijn niet te ontkomen. 


    Voor de verraderlijke slotrit in en om Nice overwoog Frank uit de koers te stappen. Lefevere en Vanmol hielden hem erin. Op het podium verbeet een  jongeling van 23 de pijn. En hij hoopte vurig op een voorjaar zonder onderbrekingen. Hij keek met een onblusbaar verlangen naar grootse overwinningen uit. Milaan-San Remo, de Ronde, Luik-Bastenaken-Luik als dat even kon. Frank had het wachten niet lief.

     

    Binnenskamers sprak hij die torenhoge ambitie ook uit. Johan Museeuw vertelde me die ochtend van de slotrit in Parijs-Nice: "Frank zei me gisteren nog: je weet toch dat ik een groter kampioen word dan jij? Waarop ik hem counterde met: begin dan maar eens met 1 van de 7 Wereldbekerwedstrijden te winnen."

     

    Vandenbroucke sloeg het op, faalde in Sanremo en de Ronde, maar veroverde met een tactisch verfijnd kabinetstukje nog meer wielerharten in Gent-Wevelgem. Een wedstrijd waarvoor Vanmol hem rust voorschreef, maar die Frank mateloos bezielde. Wevelgem lag 15 kilometer van Ploegsteert. Zijn vrienden zouden van de partij zijn. Zij hebben zich hun geroep, hun getier in West-Vlaamse bermen geen seconde beklaagd. 

    Frank Vandenbroucke tijdens Parijs-Nice 1998.

    Frank Vandenbroucke tijdens Parijs-Nice 1998.

    Zege in Wevelgem evenaarde zijn putsch van in Luik

    Het weer was die dag bijzonder mild. De wolken kabbelden wat, er blies een pietluttig windje, de aanloop naar de Kemmel verliep rimpelloos.

     

    Toch was over iedere lopende meter nagedacht. De breinen achter het concept: de vrienden Vandenbroucke en Mattan. "We wachten niet op de Kemmel. We filteren de gelederen op de Mesenberg." Zo geschiedde. Op dat bergje van niemendal dunde Vandenbroucke het reuzegrote pakket van 208 renners grondig uit. De helft was al weg.

     

    Mapei, dat de week ervoor met Museeuw achtereenvolgens de E3, de Brabantse Pijl en de Ronde gewonnen had, koekte vooraan samen en trok de snelheid op de Kemmel nog forser op. Daar bleek al dat de onbaatzuchtige ploegspeler Museeuw de kaart Vandenbroucke wilde trekken. De Italianen Ballerini en Tafi konden wachten tot Roubaix.

     

    Of de blauwe garde het met opzet deed, weet ik niet. Maar ze liet in het veertigtal dat de Kemmelslag overleefde wel een reeks sprinters met ploegmaats toe. Cipollini, Zabel, Blijlevens en Moncassin hadden minstens 2 mannetjes aan hun zijde. Het moet gezegd: een aantal helpers deed het voortreffelijk. Zij het niet volkomen vakkundig. Scirea en Petito reden zich in dienst voor malloot Cipo op de brede Heuvellandse wegen voor verrot. Zabel stuurde Feldwebel Schaffrath naar het front en hield – vanzelfsprekend slimmer dan Cipollini –  loods Lombardi achter de hand. De trawanten van Blijlevens bescheurden het van de pret.

     

    Van Petegem zat 25 km voor Wevelgem nog moppen te tappen met Tafi. De ernst had in ’98 van hem nog geen bezit genomen. Ik hoorde de lachsalvo’s dwars door mijn motorhelm. Hun houding stond in schril contrast met die van Mattan, Museeuw en Vandenbroucke. Ik zag hun focus, het alerte positioneren achter de rug van de Italianen en vooral de vlotheid in hun tred.

     

    Het duurde niet lang tot de uitvoering van hun masterplan in werking trad. Stap 1: op exact 20 kilometer van de aankomst demarreerde Nico Mattan. Het was de vlucht van de apostel, van de dienende zendeling. Want sprak kenner Vanderaerden in de televisiecabine: "Vandenbroucke voelt de trappers niet. Hij trekt zo meteen zijn kaart. Het is een kwestie van een paar kilometer."

     

    Het duurde exact 3 kilometer voor de uitvoering van stap 2. Vandenbroucke zag hoe de Saeco’s wegspatten en wist verdomd goed dat dit voor vermetele lieden een gouden moment was.

     

    Lars Michaelsen, de Deense winnaar van 3 jaar eerder, trok zich van het gelamenteer van kopman Blijlevens niets aan en schoot weg. Saeco plat, Schaffrath op, TVM geneutraliseerd, high-arousaltype Vandenbroucke doorzag opportuniteiten sneller dan de slimste tegenstander en snelde gezwind naar Michaelsen.


    Sprak voor zich dat de snelle Deen in Frank een bondgenoot zag. Tegen de sprinters Cipo en Zabel kon Michaelsen niet op. Dan waren Vandenbroucke en Mattan interessanter.

     

    Op de lastige helling van Geluveld naar de N8 dichtten Vandenbroucke en Michaelsen het gat op de West-Vlaming. De drie gleden harmonieus verder weg. Vandenbroucke nam de passage door Menen volledig voor zijn rekening. Indrukwekkend, dat vertoon. En demotiverend voor Michaelsen.

     

    En toen trad fase 3 in werking. Een staaltje van tactisch vernuft dat ik in 30 jaar koers zelden zag. Nog 3 km. Mattan demarreert, Michaelsen reageert, Mattan wijkt uit naar links, Michaelsen naar rechts en Vandenbroucke duikt midden door het gat. Resultaat: 10 meter. Michaelsen lepelt zich volkomen uit, maar komt terug. Mattan lijkt te verzuipen.

     

    De hyperlepe Vandenbroucke doet prompt het tempo stokken, dringt de Deen de kop op en maakt een stervende Mattan met wappergebaren achter de rug diets dat hij moet aansluiten en onmiddellijk gaan. Mattan schraapt de laatste restjes uit zijn kom en voert moeizaam het commando uit. Michaelsen pikt hem in, maar kreunt als een zwaar geïnfecteerd viruswezen.


    Net voor de vod ligt daar de weg open voor god. Breed als een hemelse laan. Einde fase 3. Frank Vandenbroucke won die woensdag, 8 april, met bravoure Gent-Wevelgem. Ik doe een zware uitspraak, maar sta er ronduit achter: wat Frank daar demonstreerde, evenaarde zijn putsch in Luik-Bastenaken-Luik een jaar later. Wevelgem leverde de perfecte symbiose van tactisch vernuft en fysieke kunde. 

    Herbekijk de samenvatting van Gent-Wevelgem 1998

    De roep van het kopmanschap en het grote geld

    Sprak Vandenbroucke na afloop aan mijn microfoon: "Ik had het Nico, mijn vertrouwensman, ook gegund. En neen, ik ben Museeuw niet. Ik kom niet eens ter hoogte van zijn heup. Met zo’n perfecte sfeer zitten we bij Mapei nog voor 2 jaar goed."

     

    2 maanden eerder had dokter Yvan Vanmol me op een privévlucht naar een trainingskamp in Alicante toevertrouwd dat Frank de ploeg hoe dan ook zou verlaten. Aan de roep van het kopmanschap en het grote geld viel niet te weerstaan.

     

    "Frank wordt al een poos door Cofidis opgevrijd. Hij zal aanvankelijk vertederd worden door de Franse slag en op korte tijd groots uitpakken. Ik vrees echter dat zijn neergang even snel zal gaan als zijn grote doorbraak."

     

    Vanmol was en is een schrander man. In 2000 lagen quasi alle hoogtepunten van deze getalenteerde jongeman achter de rug. Frank Vandenbroucke besefte dat nog veel later ook zelf. In een mensenleven valt jammer genoeg weinig te herdoen. 

    Michel Wuyts.

    Herbekijk de volledige uitzending van Gent-Wevelgem 1998

    Kijk om 14.40u naar Gent-Wevelgem 2015

    Dit voorjaar laten we de Sporza-volgers in een poll kiezen welke editie ze willen terugzien op de vaste wielerafspraken. Deze namiddag is de waaiereditie van Gent-Wevelgem 2015 aan de beurt. Vanaf 14.40u te bekijken op Eén en sporza.be.