• home
  • video
  • pas verschenen

    "Soms had Robbie geen zin, maar als hij zijn smoking aan had, wist je: het komt in orde vandaag"

    Van Binst en Rensenbrink

    Gille Van Binst en Robbie Rensenbrink waren bij Anderlecht 2 handen op 1 buik.

    Hoewel het overlijden van Robbie Rensenbrink niet als een verrassing kwam, zijn zijn ex-ploegmaats bij Anderlecht toch aangedaan. Van Himst, Van Binst en Broos steken allemaal de loftrompet over zijn onnavolgbare dribbels, al zal ook zijn markante persoonlijkheid bijblijven.

    Van Himst: "Individueel misschien wel beter dan ik"

    Paul Van Himst zal voor altijd hét icoon van Anderlecht blijven, maar zelf zet hij Robbie Rensenbrink helemaal bovenaan in de eeuwige ranglijst bij paars-wit. "Want individueel was hij misschien wel beter dan ik."

     

    "Ik heb altijd een goeie band gehad met hem. Robbie woonde op 500 meter van bij mij en ik ging hem elke dag ophalen. Maar veel zei hij niet. Hij was erg zwijgzaam, een invidualist. Op het veld was dat ook zo."

     

    "Er waren wel matchen die hem niet interesseerden, dat je hem niet zag. Maar als hij zijn dagje had, was hij niet te stoppen. Robbie ging nooit achteruit met de bal, hij ging altijd op zijn tegenstander af. Soms hij ging hij 2 of 3 man voorbij."

     

    "Hij was een minzaan type, met een goed hart. Maar na zijn carrière heeft hij niet veel meer gedaan. Hij profiteerde op zijn manier van het leven. Hij ging vaak vissen. Dat paste helemaal bij hem."

    Van Binst: "Ik was zijn luitenant: als hij ging smoren, moest ik mee"

    "Iedereen wist dat dit moment zou komen, maar we wisten alleen niet wanneer. Toch ben ik er niet goed van", zegt zijn goeie vriend Gille Van Binst, de rechtsachter van Anderlecht tijdens de periode-Rensenbrink.

     

    "Wat ik mij vooral van hem herinner was zijn match tegen Bayern München. Op zijn eentje heeft hij hen naar huis gespeeld met 4-1. Dat was zonder twijfel zijn beste match."

     

    "Het probleem met Rensenbrink was dat je hem ofwel moest laten passeren ofwel een fout op hem moest maken. Bovendien scoorde hij vaak, wat zeldzaam is als linksbuiten. Maar je moest hem kunnen motiveren: Beringen of Winterslag, dat waren zijn matchen niet. Europees voetbal was dat wel. Dan zei Goethals (de trainer): "Hij heeft zijn smoking aan, het is in orde.""

     

    "Op het veld was het vooral Vercauteren die het vuile werk voor hem opknapte. Hij rondde het dan af. Als een matador. Die komt ook alleen maar in de ring als de stier al afgebeuld is."

     

    "Mij noemde hij zijn luitenant. Als hij ging smoren, moest ik meegaan. Als hij naar een begrafenis ging, moest ik meegaan. Daarom dat dit mij toch serieus heeft getroffen."

     

    "Ik heb hem voor het laatst gezien op een feestje voor zijn verjaardag. Dat was toen al gênant. Hij zei zelf ook: "Als het zo moet zijn, hoeft het niet." Hij had zich er al bij neergelegd dat het niet lang meer zou duren."

    "Toen hij Gouden Schoen won, vroeg hij: "Is dat écht goud?" omdat hij eraan dacht die te verkopen"

    Ook Van Binst zet Rensenbrink op 1 op de eeuwige ranglijst bij Anderlecht. "Met een straatlengte voorsprong! Van Himst was toch een andere tijd en ook een andere positie. Als hij zijn dagje had, was het in orde voor ons. Wij hebben dan ook veel geld verdiend aan hem."

     

    "Zelf was Rensenbrink wel een beetje een gierigaard. Toen hij de Gouden Schoen kreeg, vroeg hij: "Is dat echt goud?" Hij dacht eraan die te verkopen."

     

    Op de vraag of Marc Coucke een eerbetoon aan Rensenbrink moet houden, antwoordt Van Binst kordaat: "Het is hem geraden! Ik ben eens samen met Rensenbrink op zijn bureau geweest en tegen Rensenbrink zei hij meneer Van Binst en tegen mij meneer Rensenbrink. Dat was vooral voor mij een compliment."

    Broos: "Hij was de vedette, maar gedroeg zich zo niet"

    Ook Hugo Broos was een bevoorrecht getuige van de glorieperiode van Rensenbrink bij Anderlecht. "Op hetzelfde moment als Robbie naar Anderlecht kwam, ben ik in de eerste ploeg gekomen."

     

    "Met de kwaliteiten die hij had en zijn manier van spelen werd hij snel een publiekslieveling. Robbie was de man die wedstrijden kon beslissen. Hij had verschrikkelijke dribbels die menig verdediger gek hebben gemaakt op het veld. Als je als verdediger voor hem stond, wist je bij momenten niet meer welke kant hij zou uitgaan, met die slepende bewegingen. Ze noemden hem dan ook het slangenmens."

     

    Ook Broos bevestigt dat Rensenbrink een stille jongen was. "Dat stond eigenlijk wat haaks op de status die hij had bij Anderlecht. Hij was de vedette, maar zo gedroeg hij zich absoluut niet. Hij leefde wat op zichzelf en had weinig contact met medespelers. In de kleedkamer hoorde of zag je hem eigenlijk ook niet. Zijn imago was helemaal anders dan hij als mens was."

    "De jaren dat ik trainer was van Anderlecht heb ik nog wel regelmatig contact gehad met hem en ik zag hem ook wel bij de samenkomsten van oud-spelers. Die momenten waren eigenlijk hartelijker dan wanneer we samen voetbalden. Het was altijd een prettig weerzien met Robbie."

     

    Als hoogtepunten kiest Broos voor de Europese finales. "De eerste Europabekerfinale die we wonnen tegen West Ham was een geweldig feest. Robbie maakte daar twee doelpunten, wat hij twee jaar later overdeed in Parijs tegen Rapid Wenen. Dat illustreert hoe goed hij was. Met zo iemand in je ploeg is het wat makkelijker om zo’n finale te winnen."

    Kompany: "Afscheid van een legende van Anderlecht"