• home
  • video
  • pas verschenen

    Abdi meets Naert: "Tussen de drankposten zou ik graag Bashir zijn"

    Koen Naert en Bashir Abdi vragen elkaar uit in de Topsporthal in Gent.

    Links Europees kampioen Koen Naert, rechts Belgisch recordhouder Bashir Abdi.

    Met Bashir Abdi en Koen Naert heeft ons land 2 toppers op de marathon. Vorige maand liepen ze allebei hun snelste 42,195 km van hun leven. Sportweekend bracht ze samen voor een vraaggesprek in de Topsporthal in Gent. Wij pikten de opvallendste fragmenten eruit.

    Naert benaderde op 7 april met 2u07'39" het Belgische record van Vincent Rousseaux (2u07'20"), Abdi ging er op 28 april in Londen onder met 2u07'03".

     

    In Gent daagden ze elkaar uit met pikante vragen. Het werd een geanimeerd gesprek doorspekt met veel respect en de nodige humor. 

    Abdi: "Wat is het moeilijkste aan een marathon?"

    Naert: "De voorbereiding. Daar kruipt heel veel werk en tijd in en dat vraagt veel opofferingen van jezelf en van je omgeving. In de wedstrijd zelf heb je er alles aan gedaan en moet alles meezitten."

    Abdi: "Ik ben het volledig met je eens. De voorbereiding is wat de buitenwereld niet ziet. Dag in dag uit werken voor je doel. Maanden weg van thuis, weg van je familie werken en leven als een nomade."

    Naert: "Welke eigenschap of welke kracht die ik heb, zou jij graag meer hebben?"

    A: "Ik vond je in Rotterdam heel rustig. Vooral bij het aannemen van je drank. De manier hoe jij dat doet, dat moet ik nog aanleren. Bij mijn volgende marathon zou ik bij een drankstand graag in Koen Naert willen veranderen."

    N: "En tussen de drankposten zou ik graag Bashir worden. "(lacht)

    N: "Wat ik graag van jou zou hebben, is je basissnelheid. Je bereik van 1.500m
    tot de marathon is ongelooflijk, daar kan ik alleen maar van dromen."

    A: "Wat ik nog van jou wil, is dat jij je vooraf al goed kan inschatten. Ik houd niet van druk. Diep vanbinnen wist ik dat ik voor het BR ging, maar ik heb er nooit over gepraat. Hoe jij omgaat met de media, dat wil ik ook heel graag kunnen."

    N: “Ik vind dat niet zo belastend voor mezelf, omdat ik mezelf niet veel aantrek van wat de mensen verwachten. Ik ben vooral met mezelf bezig."

    Abdi: "Hoe komt het dat langeafstandslopers goed overeenkomen, hoewel ze toch concurrenten van elkaar zijn?"

    N: "Dat weet ik niet. Dat is een goeie vraag. Ik denk dat het afhankelijk is van atleet tot atleet. Het is misschien omdat jij een toffe pee bent."

    N: "Feit is dat we allebei heel sterk zijn, en er staan er met Isaac en Robin nog aan te schuiven. We willen niet voor elkaar onderdoen en zoeken daarom naar kleine percentjes om beter te worden. Ik wist dat ik een dijk van een tijd moest lopen om de “beste marathonloper van België” te zijn. En kijk, jij bent nu sneller. Ik weet  wat mij te doen staat."

    Naert: "Een sterke marathonloper mag alleen maar bezig zijn met lopen en niets anders. Akkoord?"

    A: "Nee. Dan zou het heel saai zijn. Ik heb nood aan een sociaal leven en afleiding om de zware trainingen te vergeten. Zo speel ik tussen de trainingen vaak FIFA. Moest ik dat niet doen, zou de dag een beetje te lang duren."

    N: "Ik ben iemand die heel perfectionistisch naar een marathon toewerk, dan heb ik heel weinig afleiding nodig. Maar in het tussenseizoen wil ik die afleiding wel. Daarom studeer ik als hobby. Dat doe ik liever dan FIFA spelen. De gezondheidszorg interesseert me enorm en ik wil ook bijblijven voor mijn werk als verpleger. (lees voort onder de foto)

    Abdi: "Wie is het grootste trainingsbeest van ons tweeën?"

    A: "Ik denk jij. Ik train vaak in groep. Als ik heel zware trainingen doe, heb ik veel aan de groep. Dan worden die makkelijker. Als ik jou zie, train je meestal alleen. Dan moet je al die zware trainingen alleen overleven."

    N: "Je antwoordt op je eigen vraag. (lacht) Ik train meestal alleen. Op hoogtestage heb ik 900 km alleen getraind. Als je kijkt naar intensiteit, denk ik dat jij het trainingsbeest bent, zeker met jouw basissnelheid en als je met iemand als Mo Farah samentraint. Maar ik denk dat ik het haal qua omvang. Gemiddeld loop ik in mijn marathonblok net iets boven de 220 km per week. Daar zitten wel ook veel trage kilometers bij."

    A: (draait met zijn ogen): “Ik doe maximaal 190 km. Ik train maar 6 dagen per week. Ik heb altijd 1 dag dat ik volledig rust. Dat heb ik nodig.”

    N: "Ik train 7 op 7 in die periode. De enige rustdag die ik soms neem, is de dag van de vlucht. Maar zelfs dan. Als ik 24 uur onderweg was van de VS naar België en ik kom ’s morgens thuis, dan doe ik ’s middags een training en soms nog een tweede training. Ik denk dat dat voor mij eerder mentaal is."

    Abdi: "Zie jij ons samen trainen?"

    N: "Waarom niet? Al denk ik dat ik serieus mijn peren zou zien als ik met jou een tempotraining zou doen."
    A: "Of omgekeerd: als ik zoveel kilometers per week zou moeten doen, zou ik dat niet overleven."

    N: "We zijn twee verschillende atleten. We hebben een volledig ander traject afgelegd en moeten dus andere accenten leggen. Maar samen trainen zou zeker lukken."

    Abdi: "Ga jij voor mij 2u05’ lopen?"

    N: "Ik denk dat dat niet in mijn bereik ligt. Ik moet eerlijk zijn: toen ik zag dat je 2’07” laag liep, dacht ik dat ik dat nog zou kunnen halen als alles meezit. Moest je in Londen 2’05” hebben gelopen, dan had ik een keer serieus in mijn haar gekrabd."

    A: "Jij kon in Rotterdam in de laatste 200 meter nog sprinten, ik was de laatste 200 meter aan het wandelen. De tijd interesseerde me niet meer. Dus ik denk dat je nog rapper kunt."

    N: "Om eerlijk te zijn was ik een beetje blij dat ik het BR niet haalde in Rotterdam. Anders zou ik heel ontgoocheld geweest zijn, dat ik het maar 3 weken had. Hopelijk komt mijn dag nog voor jij 2u05’ loopt…"

    Abdi: "Met welke prestatie zou jij tevreden zijn op de Spelen in Tokio?"

    N: "Als ik goud haal (lacht). Het is moeilijk inschatten welke plaats dat is, want je kent de concurrentie nog niet. Er is in Europa wel een ongelooflijk sterke generatie aan het komen. In 2015 was ik met 2u10’30” top 5 in Europa, nu loopt de 10e 2u09’. Ik denk dat iedereen die aan de start staat in Tokio graag wint. Als ik het gevoel heb zoals op het EK in Berlijn en weet dat ik alles gegeven heb, dan denk ik dat ik moet tevreden zijn. Ongeacht mijn plaats."

    A: "Ik hoop gewoon dat ik blessurevrij kan blijven, want het is niet lang meer.  Regelmaat is belangrijk voor mij, in trainingen en wedstrijden. Als ik er alles uitgehaald heb en ik weet dat ik mezelf niets te verwijten heb, geeft dat de meeste voldoening. We hebben elk onze eigen doelen, maar ik hoop ook dat we kunnen meedoen in het landenklassement. Ik hoop echt dat er plots nog een andere atleet een heel goeie tijd loopt." (lees voort onder de foto)

    Naert: "We zijn allebei positief ingestelde mensen. Kun jij soms een klootzak zijn?"

    A: "Damn. Eigenlijk wel. Op het moment dat ik heel slecht gelopen heb en  stomme vragen krijg van “Hoe komt dat?”, dan heb ik zoiets van: “Zou jij beter presteren als jij mijn schoenen aanhad?” Maar ik heb het alleen op die momenten."

    N: "Ik kan ook soms wel een klootzak zijn. Bij mij situeert het zich op 2 terreinen: op wedstrijdvlak en op het thuisfront. Wat het eerste  betreft, moet dat een beetje in jou zitten, of je wordt nooit een kampioen of je haalt nooit het onderste uit de kan. Soms moet je een keer durven te profiteren van iemand. Op het thuisfront ben ik heel veel met details bezig, dan moet mijn vrouw soms eens ondergaan dat ik alleen aan mezelf denk. Dat is niet altijd makkelijk, daar ben ik me van bewust. Soms blijft de afwas al eens staan. Ik ben wel blij dat mijn vrouw daar goed mee om kan.”

    Naert: "Zou jij graag als haas fungeren voor mij?"

    A: "Zeker, met plezier."

    N: "Jij zou mij naar je eigen BR hazen?"

    A: "Absoluut. Jij inspireert mij, in de hoop dat ik achteraf nog sneller zou lopen. Dus waarom niet."

    N: "Ik zal de klootzak uithangen. Ik zou het gewoon niet doen voor jou. Ik heb me met Raymond (Van Paemel, zijn coach) voorgenomen dat ik in mijn actieve
    carrière voor niemand haas."

    Naert: "Wat vind jij de strafste prestatie: het BR of de Europese titel op de marathon?"

    A: "Zeker de Europese titel. Een tijd kan je verbeteren. De mijne zal ook sowieso verbeterd worden. Jouw titel zal er voor altijd staan. Als we voor goud gaan in Tokio, zal dat er ook voor altijd staan."

    N: "Dat nemen ze je nooit meer af. Ik blijf voor altijd Europees kampioen van 2018. Een record staat er om gebroken te worden. Dus als ik zelf mag kiezen, kies ik voor mijn eigen titel."

    De reportage uit Sportweekend:

    Herbeleef nog eens de recordraces van Naert en Abdi:

    Naert loopt 2u07'39" in Rotterdam

    Abdi breekt BR van Rousseaux in Londen met 2u07'03"