• home
  • video
  • pas verschenen

    Het menu van de Hel: de ultieme kasseigids voor Parijs-Roubaix

    Alles wat u moet weten over de kasseistroken van Parijs-Roubaix.

    Alles wat u moet weten over de kasseistroken van Parijs-Roubaix.

    Zondag staat de Helleklassieker Parijs-Roubaix op het menu. In de Hel van het Noorden dokkeren de renners 257 km over de slechtste stenen van Noord-Frankrijk. Wij geven graag een woordje uitleg bij de suggesties op het menu.

    29. Troisvilles - Inchy ** (900 m)

    De eerste strook van Troisvilles naar Inchy staat beter bekend als de 'Pavé Jean Stablinski'. Stablinski was een Pool-Franse wielrenner die diverse grote koersen op zijn naam schreef. Hij won de Vuelta in 1958, werd wereldkampioen in 1962, won de allereerste Amstel Gold Race en verschillende etappes in de Ronde van Frankrijk. 'Le Polac' maakte deel uit van de ploeg rond zijn vriend Jacques Anquetil. 

    Na zijn carrière als renner werd hij poegleider en was hij ontdekker van onder meer onze laatste Tourwinnaar Lucien Van Impe en Bernard Hinault.  Na de dood van zijn vader moest hij als veertienjarige gaan werken in de steenkoolmijn van Wallers. Later stelde hij voor om de doortocht van het Bos van Wallers op te nemen in het parcours van Parijs-Roubaix. Hij kende de weg nog van toen hij in koolmijn werkte. 

    28. Briastre - Viesly **** (3000 m)

    De strook van Briastre naar Viesly herinneren we ons jammer genoeg door de hartstilstand van de betreurde Michael Goolaerts vorig jaar. De jonge renner van Veranda's Willems-Crelan kreeg een hartfalen in de koers van zijn dromen. Inmiddels is er op de bewuste strook een gedenksteen geplaatst voor de overleden renner. 

    27. Viesly - Quiévy *** (1800 m)

    26. Quiévy - Saint-Python **** (3700 m)

    De editie 2017 staat in ons geheugen gegrift als de editie van Greg Van Avermaet. Hij schreef in het voor hem wonderlijke voorjaar van 2017 zijn eerste monument op zijn naam: Parijs-Roubaix.

    Minder goed liep het voor zijn trainingsmaatje Oliver Naesen. Hij kwam zwaar ten val op een van deze eerste stroken (Quiévy - Saint-Python). Naesen beet door en werd uiteindelijk 31e. 

    Naesen komt zwaar ten val in strook naar Saint-Python

    25. Saint-Python ** (1500 m)

    24. Vertain - Saint-Martin-sur-Écaillon *** (2300 m)

    23. Verchain-Maugré - Quérénaing *** (1600 m)

    22. Quérénaing - Maing *** (2500m)

    21. Maing - Monchaux-sur-Écaillon *** (1600m)

    20. Haveluy - Wallers **** (2500m)

    De eerste strook van de waarheid, zeker in het peloton, en tevens de voorbode van het verschrikkelijke Bos van Wallers. In 2001 zat het stuk voor het eerst in Parijs-Roubaix en het is meteen een vaste waarde geworden.

     

    In 2005 werd de strook omgedoopt tot de "Pavé Hinault", ter ere van de winnaar van 1981. Volgens de overlevering had Hinault jarenlang zijn neus opgehaald voor deze voorhistorische koers, maar wou hij toch eens bewijzen dat hij die ook kon winnen. Dat klopt niet helemaal. Een jaar eerder was hij immers al eens vierde geworden en een jaar later werd hij nog eens negende. Bekijk hieronder nog eens zijn triomf uit 1981.

    19. Trouée d’Arenberg ***** (2300 m)

    Een van de meest mythische passages van Parijs-Roubaix en steevast dé plaats waar het kaf van het koren wordt gescheiden. Huizenhoog cliché: op deze kasseien kun je de koers niet winnen, maar je kunt ze er wel verliezen.

     

    De bekendste verliezer was ongetwijfeld Johan Museeuw, die in 1998 zijn knieschijf brak bij een val en bijna een kruis mocht maken over zijn carrière. Bijna. Want Museeuw lapte zichzelf op en zou nadien nog twee keer de Helleklassieker winnen.

    18. Wallers - Hélesmes *** (1600m)

    Deze strook staat beter bekend als 'Le Pont Gibus' en is vernoemd naar de Franse renner Gilbert Duclos-Lassalle (Gibus). Duclos Lassalle won op 38-jarige en 39-jarige leeftijd Parijs-Roubaix. In 1992 won hij na een lange solo à la Boonen en in 1993 in een millimetersprint op zijn Planckaerts. Zijn legendarische overwinningen leverden hem de strook net na het Bos van Wallers op. 

    17. Hornaing - Wandignies **** (3700 m)

    16. Warlaing - Brillon *** (2400m)

    15. Tilloy - Sars-et-Rosières **** ( 2400 m)

    In 2015 reed Yves Lampaert zijn 2e Parijs-Roubaix. Op de strook van Tilloy naar Sars-et-Rosières imponeerde de jonge West-Vlaming. Hij reed het peloton aan flarden en zou uiteindelijk nog als 7e eindigen.

     

    De prestatie van Lampaert leverde ook een stukje legendarische televisie op. De compleet leeggereden Lampaert kwam op de proppen met een nieuwe koersterm: "Skarten".

    Lampaert imponeert in Parijs-Roubaix

    "Kmoeste skarten om mee te kunnen"

    14. Beuvry - Orchies *** (1400 m)

    Een "specialleke", want in tegenstelling tot de andere stroken, die vroeger gebruikt werden door de mijnwerkers en nu nog door de boeren, is deze speciaal aangelegd voor de koers.

     

    In 2007 werd de bestaande strook van 700 meter verdubbeld met nieuwe kasseien. Het geheel werd genoemd naar Marc Madiot, winnaar in 1985 (zie video) en 1991.

    13. Orchies *** (1700 m)

    Een strook in een L-vorm, met eerst de Chemin des Prières en daarna de Chemin des Abattoirs. Wie hier al afziet, kan dus nog best vlug een schietgebedje doen voor hij naar de slachtbank wordt geleid.

     

    In 2012 was de beul met dienst Tom Boonen, die op dit stukje stenen aan zijn indrukwekkende solo begon, die later tot zijn vierde eindzege zou leiden.

    De indrukwekkende solo van Tom Boonen (2012)

    12. Auchy - Bersée **** (2700 m)

    11. Mons-en-Pévèle ***** (3000 m)

    Op Mons-en-Pévèle, of de Pevelenberg, vochten de Fransen en de Vlamingen in 1304 een revanche uit voor de Guldensporenslag. Beide partijen riepen zichzelf nadien uit tot de overwinnaar. En zo is het ook met de kasseien van Mons-en-Pévele: zelden valt de beslissing op dit vijfsterrenstuk.

     

    In 2008 ontbond Stijn Devolder er wel zijn duivels. Hij plaveide zo de kasseien voor zijn ploeggenoot Boonen, die die dag zijn tweede Roubaix won.

    Devolder opent de debatten voor ploegmakker Boonen (2008)

    10. Mérignies - Avelin ** (700 m)

    9. Pont-Thibault - Ennevelin *** (1400 m)

    8. Templeuve ** (500 m)

    7. Cysoing - Bourghelles *** (1300 m)

    Vanaf de kasseien van Cysoing zitten we in de eindfase van de wedstrijd. De Fransen weten hoe ze hun helden moeten eren, want de strook staat bekend als de Pavé Duclos-Lassalle, die op zijn oude dag nog twee keer Roubaix won. Bekijk hem hieronder tekeer gaan op de kasseien van Cysoing.

    Duclos-Lassalle gaat te keer op de stenen in Cysoing (1992)

    6. Bourghelles - Wannehain *** (1100 m)

    Het tweede deel van het tweeluik rond Bourghelles, met vooral een venijnig slotstuk. Het is hier dat in 2014 Fabian Cancellara zijn kaarten op tafel gooide. Greg Van Avermaet kwam hier in diezelfde editie ten val en hypothekeerde zo zijn kansen op een mooie uitslag.

    5. Camphin-en-Pévèle **** (1800 m)

    Opnieuw een viersterrenstuk, maar vooral het voorgeborchte voor de nakende Carrefour de l'Arbre. Op deze kasseien proberen de beste renners de concurrentie te versmachten, om even later op Carrefour de l'Arbre het werk af te maken.

     

    Camphin-en-Pévèle wordt ook wel eens de Pavé de la Justice genoemd, naar de officiële naam van de weg. Gerechtigheid was nochtans ver te zoeken toen Van Petegem een jaar na zijn zege in Roubaix lek reed op deze strook. Arm in arm met de afscheidnemende Museeuw kwam hij over de finish.

    Museeuw en Van Petegem komen arm in arm over de finish (2004)

    4. Carrefour de l’ Arbre ***** (2100 m)

    Hét sleutelmoment in Parijs-Roubaix en ook de plaats van heel wat dramatische momenten uit de Roubaix-geschiedenis. Bijvoorbeeld in 2009, toen Tom Boonen de zege in de schoot geworpen kreeg toen zijn concurrenten een voor een vielen op Carrefour de l'Arbre. Eerst Flecha, daarna Hoste en Vansummeren en ten slotte Hushovd.

    Alle concurrenten van Tom Boonen gaan tegen de grond (2009)

    3. Gruson ** (1100 m)

    2. Willems - Hem *** (1400 m)

    Een kasseistrook van twee keer niets, maar toch het toneel van twee opmerkelijke verhalen uit de Roubaix-geschiedenis. Een lekke band op deze onbenullige strook kost Museeuw een gedroomd "fin de carrière".

     

    In 1983 had Hennie Kuiper meer geluk. De Nederlander was solo op weg naar de zege, maar moest op de kasseien van Hem uitwijken voor een fotograaf en belandde zo in een put. Door de nervositeit van ploegleider Fred De Bruyne duurde het "uren" voor hij een nieuw wiel had. Maar uiteindelijk kwam het toch nog goed.

    Hennie Kuiper wint ondanks kapot wiel op de (voor)laatste strook (1983)

    1. Roubaix * (300 m)

    De laatste strook uit Parijs-Roubaix, maar eigenlijk geen echte kasseistrook. De steentjes liggen hier zo goed, dat het meer een triomfhaag is voor de renner die op dat moment solo naar de zege kan rijden.

     

    De strook is genoemd naar Charles Crupelandt (zie foto), de enige renner uit Roubaix, die de Helleklassieker wist te winnen, in 1912.

    Bekijk het gehele parcours van Parijs-Roubaix 2019