• home
  • videozone
  • win!
  • quiz & opvallend

    Tankink over magere renners: "Het peloton zit nu vol Pantani's"

    Video player inladen ...

    Bergop wil je geen extra gewicht meezeulen en dus staan de klassementsrenners in deze Tour bijzonder scherp. Bram Tankink trok voor Vive le Vélo op onderzoek uit en ontdekte een trend. "Het gewicht van de top 20-renner is de voorbije jaren serieus gedaald."

    "Renners lichter dan 60 kg, dat zag je vroeger niet"

    Wie klassementsambities koestert in de Tour moet op z'n gewicht letten. Op topniveau zijn de marges zo klein, elke gram te veel kan het verschil maken. Steeds meer renners zijn zich daarvan bewust, stelt Bram Tankink vast. "Vroeger had je Pantani, die iedereen bergop loste, omdat hij klein en licht was. Maar je zag toen heel weinig van dat soort klimmers in het peloton. Nu zit het vol Pantani's."

     

    En dus dook Tankink speciaal voor Vive le Vélo in de statistieken. "De afgelopen 10 jaar is het gemiddelde gewicht van de top 20-renner serieus gedaald. In 2005 woog een renner in de top 20 gemiddeld 68,27 kilogram, in 2010 66,68 kilogram en vorig jaar 63,05 kilogram."

     

    Toch is het gemiddelde gewicht geen maatstaf. Chris Froome woog vorig jaar 69 kilogram toen hij z'n vierde Tour won. "Maar je ziet in de top 20 van vorig jaar wel een stuk of 4 à 5 renners die minder wegen dan 60 kilogram. Dat kwam vroeger niet voor", zegt Tankink.

    "10 jaar geleden dronk je gewoon een pot bier na de koers"

    Tankink heeft de voorbij jaren zelf gemerkt hoe ploegen steeds professioneler met voeding omgaan. "Voedingtechnisch gaat het heel hard. Sunweb werkt met "personal plates". Bij LottoNL-Jumbo zijn ze ook bezig met op de gram afstemmen wat een renner per dag mag eten. Tien jaar geleden maakte niemand zich daar druk om, toen dronk je 's avonds gewoon met z'n allen een pot bier na de koers."

     

    Het belang van gewichtsverlies is niet te onderschatten voor een ronderenner. "Je hoort wel eens: "Toen Froome bij Barloworld zat, reed hij niet zo hard." Natuurlijk niet, hij was toen 5 kilogram zwaarder. Als je als goede renner plots 5 kilogram lichter bent en niet te veel kracht verliest, kan je opeens een stuk harder rijden."

     

    "Het moet wel gestructureerd gaan. Je kan niet denken: "Nu ga ik even wat minder eten en dan ga ik harder fietsen. Iedereen heeft ook een ander metabolisme. Je ziet veel renners die eetgedrag kopiëren, maar dan werkt het niet en gaan ze plots achteruit fietsen. Daarom is het heel belangrijk dat iemand je kan begeleiden bij het afvallen."