• home
  • video
  • pas verschenen
  • win!
  • quiz & opvallend

    Voetballes met Lieven Scheire: "Doelpunten geven je een dopaminekick"

    Lieven Scheire

    Lieven Scheire geeft je een les "voetbal voor beginners".

    De Wereldbeker in Rusland is volop aan de gang. Snap je geen snars van voetbal? Lieven Scheire legt het spelletje uit. Want voetbal is ook een beetje natuurkunde.

    1) Je moet 10 spelers én een doelman voorbij

    "Het begint allemaal met doelpunten maken. En dat is belachelijk moeilijk", legt Lieven Scheire uit. "Het mag niet met je handen gebeuren, wel moet je voeten.


    "Er staat ook nog eens 10 man in de weg. En dan staat er nog een die de bal wel met z'n handen mag aanraken. Als dat allemaal gelukt is, moet je nog een keer opzij kijken of je niet buitenspel liep."


    "Scoren is het grootste plezier. Elke goal is een echt evenement, een uitbarsting en een kleine stunt. Dan krijg je een dopaminekick en word je euforisch. Dopamine is een hormoon in je hersenen dat je een beloningsgevoel geeft. Als je team een doelpunt maakt, raast er een overvloed aan dopamine door je lichaam."

    Video player inladen ...

    2) Dat doe je door tegenstanders te dribbelen of te passeren

    "Om te scoren moet je het hele veld over", gaat Lieven Scheire voort. "Dat doe je door je tegenstander te dribbelen of door de bal te passeren naar je ploegmaat."


    "Dribbelen is het mooiste. Je ziet het niet vaak dat een speler 3 tegenstanders dribbelt. Dan kiest een voetballer liever voor een pass. Soms durft hij het toch aan, Eden Hazard is zo iemand."


    "Naast het dribbelen kan je ook combineren met je ploegmaats. Je hebt een gewone pass en de geniale steekpass. Spelers als Kevin De Bruyne hebben plots een geheime optie gezien, waar niemand anders aan denkt."

    Video player inladen ...

    3) Scoren kan vanuit een stilstaande fase

    "Een stilstaande fase is het moment wanneer de bal wordt stilgelegd", vertelt Lieven Scheire. "Alle ploegen hebben tijd om een ideale opstelling te kiezen. En dan brengt een speler de bal weer in het spel. Of hij trapt rechtstreeks op doel."


    "Eerst stelt de keeper meestal een muur op, zodat de tegenstander de bal niet rechtstreeks op doel kan trappen. Dat is een heel ritueel. De doelman stuurt zijn team aan met veel handgebaren."


    "Om die muur te verschalken kan een voetballer effect op de bal zetten. Als hij op de zijkant van de bal trapt, draait hij snel rond en ontstaat er een veranderende luchtdruk waardoor die bal in een boog draait."


    "Sommige spelers zijn daar erg goed in. Zij draaien de bal over de muur rechtstreeks in doel. Of je hebt lepe spelers die bal onder de muur schuiven."

    Video player inladen ...

    4) Fouten maken is ook voetbal

    Lieven Scheire: "Voetballers maken fouten. Soms horen die bij het spel, soms zijn die vuil en onsportief."


    "Handspel is de duidelijkste fout. Je mag de bal niet aanraken met je handen of je armen. Soms kan je er niks aan doen en laat de scheidsrechter voortspelen. In het strafschopgebied riskeer je wel een penalty. Daarom zie je vaak dat verdedigers met hun handen op hun rug spelen."


    "Naast handspel heb je ook de tackle. Dan probeer je de bal weg te schuiven, maar even vaak schep je ook je tegenstander mee. De regel is simpel: als je de bal hebt, bega je geen fout, tenzij je met twee voeten tackelt. Dan kan je met een voet de bal scheppen en met de andere een knieschijf of een meniscus. Ook met een gestrekt been tackelen, hoort thuis in de categorie "fouten"."


    "Wat ook niet mag, is duwen. Toch niet met je handen, met je lichaam wel. Anders begaat een stevige speler als Romelu Lukaku voortdurend fouten. Als hij gewoon tegen een verdediger loopt, vliegt die al 3 meter ver."


    "En dan heb je nog de koningin der fouten: buitenspel. Een voetballer staat buitenspel als hij de bal toegespeeld krijgt en op dat moment voorbij de laatste verdediger staat. Dan is de bal voor de andere ploeg."

    Video player inladen ...

    5) "Maar, jongen toch, Witsel!"

    "De favoriete hobby van een supporter is ergernis", geeft Lieven Scheire mee. "Een voetbalsupporter ergert zich aan de tegenstander, aan de scheidsrechter, aan andere supporters, maar ook aan z'n eigen team."


    "Essentieel is dat je die ergernis deelt met de supporters om je heen of dat je die mensen bevestigt in hun ergernis. Een zin die altijd werkt is: "Maar, jongen toch." En dan voeg je een naam van een speler naar keuze toe, die van Witsel bijvoorbeeld."

    Video player inladen ...