• home
  • video
  • pas verschenen

    Sporteconomen: "10 ploegen in 1B en 3 stijgers en dalers"

    Op 21 februari zitten de 24 profclubs opnieuw ronde de tafel.

    0 / 0
    Hoe moet onze competitie er in de toekomst uitzien? Op 21 februari komen de profclubs daarover samen binnen de Pro League. Sporza vroeg twee sporteconomen welke competitieformule het algemeen belang van het Belgisch voetbal het beste zou dienen?

    "Ideale competitie is een financieel gezonde competitie"

    De 24 profclubs die lid zijn van de Pro League mogen volgende week woensdag hun visie op de toekomst van ons voetbal geven. Sporza vroeg sporteconomen Thomas Peeters (Erasmus School of Economics) en Trudo Dejonghe (KU Leuven) naar hun visie.

    De kern van hun antwoord: niet het play-off-systeem is het probleem van onze competitie. Wel de onzekerheid voor de kleinere clubs en het kerkhof genaamd 1B.

    "Een ideaal competitieformat is volgens mij een formule waarin alle clubs professioneel kunnen werken en financieel stabiel zijn. Het is vooral belangrijk dat ploegen die degraderen of niet aan Play-off I kunnen deelnemen niet in een zwart gat vallen. Dat moet de eerste betrachting zijn van een hervorming in het algemeen belang", zegt Peeters.

    "Dat is nodig om ze professioneel en op lange termijn te laten werken. Zo wordt de competitie ook meer concurrentieel voor de grotere ploegen. Anders hebben ploegen die willen concurreren met de grote clubs altijd een zwaard van Damocles boven het hoofd hangen. Want mislopen kan het altijd. Kijk naar KV Mechelen nu. Wat moet KVM met een nieuw stadion in 1B?"

    "Meer ploegen in 1B en drie stijgers en dalers"

    Volgens Trudo Dejonghe en Thomas Peeters moet bij een hervorming gefocust worden op de kleinere clubs en niet op de grote. "Het idee dat we door de topclubs veel tegen elkaar te laten spelen de Europese top nog kunnen inhalen, is een illusie", zegt Peeters. "Belangrijker is om de clubs tussen plaatsen 10 en 24 gezond te laten meedraaien."

    Twee concrete voorstellen kunnen daarbij helpen. Meer clubs in 1B en meer degradanten in 1A. "Met 14 clubs in 1A en 10 in 1B krijgt de tweede afdeling een gezonder format. Nu moet je wel erg vaak tegen dezelfde clubs spelen in 1B. Dat is niet interessant voor de supporters."

    Dejonghe koppelt daaraan een verhoging van het aantal stijgers en dalers tussen 1A en 1B. "Als er drie degradanten zijn in plaats van een, heeft een club die zakt, maar goed werkt, veel kans om het volgende jaar opnieuw te stijgen."

    "Met 1 zakker is dat anders. Als KV Mechelen zou zakken en bij de concurrenten, bijvoorbeeld Cercle of Tubize, komt een Rus of Chinees met veel geld, wat kan KV Mechelen dan doen? Ook een investeerder zoeken. Dat is dodelijk. Met 3 zakkers is het economische risico veel kleiner en degradatie een minder zware straf."

    "Niets mis met het play-off-systeem in 1A"

    Op de vergadering van 21 februari zal zeker ook over het play-off-systeem gesproken worden. Voor sporteconomen Trudo Dejonghe en Thomas Peeters is die discussie echter niet de kern van het probleem. 

    "Voor clubs als KV Kortirjk of Antwerp is er nu iets te beleven. Anders is de enige vraag voor de fans in deze periode of hun ploeg 8e of 9e zou worden. Het nadeel is de verketterde PO II, maar dat is de prijs die je betaalt om het nu interessanter te maken", zegt Peeters. "Ik denk ook niet dat een gewoon regulier seizoen zoals in de Premier League veel meer tv-geld zal opleveren."

    "Het halveren van de punten in PO I begrijp ik niet", vult De Jonghe aan. "Maar PO II zou bijvoorbeeld gebruikt kunnen worden om eigen  jeugd een kans te geven. Dat vergeten clubs te doen. Dat PO II geld kost is geen reden, want al die kosten kunnen op voorhand vastgelegd worden en ploegen hebben hun topmatchen allemaal al gehad."