• home
  • video
  • pas verschenen

    Everts: "Ik zal met mijn zoon naar het buitenland moeten om goed te trainen"

    Vader Harry, zoon Liam en Stefan Everts 9 jaar geleden in Genk.

    Als het echt om de wereldtitel draait in het motorcrossen speelt België al een tijdje de tweede viool. Keren de tijden van Stefan Everts en Joël Smets ooit terug? Die vraag stelde onze reporter zondag aan de voormalige wereldkampioenen tijdens de cross in Valkenswaard.

    Stefan Everts kreeg zondag als teammanager van Suzuki in de zesde Grote Prijs van het seizoen af te rekenen met de opgave van zijn poulain Kevin Strijbos. Strijbos kon door fysieke averij maar één reeks rijden.

    "Kevin sukkelt al enkele weken met een tenniselleboog en is zaterdag ook nog eens geblesseerd geraakt aan zijn kaak toen hij achter een hek is blijven haken", zegt Everts.

    "Het zit hem echt niet mee. Die elleboog speelt hem zwaar parten. We wisten op voorhand al dat het voor Kevin heel moeilijk zou worden om hier een deftige wedstrijd te rijden."

    Bij de andere Belgen proberen Clément Desalle en vooral Jeremy Van Horebeek het de toppers moeilijk te maken. Van Horebeek legde in Nederland beslag op de derde plaats en is zijn talent dit seizoen aan het bevestigen.

    Everts: "Het is niet gemakkelijk voor de Belgen. We hebben een aantal toppers, meer geen echte wereldkampioenen. Clément Desalle is een aantal keer vicewereldkampioen geworden, maar het was telkens net niet genoeg voor de wereldtitel."

    "Ik denk dat Jeremy Van Horebeek vandaag over de beste papieren beschikt. Hij maakte hier in Valkenswaard weer een heel goeie indruk. Hij knokt voor de topplaatsen en presteert zeer goed. Kandidaat-wereldkampioen is misschien veel gezegd, maar toch: het seizoen is nog lang, er kan veel gebeuren."

    "Ik heb het er heel moeilijk mee"

    Hoe komt het dat België niet meer domineert, zoals het dat de voorbije tientallen jaren deed? Everts: "Het is in België heel moeilijk geworden om op te groeien met een motor. We vechten al 20 jaar om weer wat circuits in ons land te krijgen, maar het lukt niet. Het is een delicate situatie. We proberen oplossingen te zoeken, maar die komen er niet."

    "Wat kan ik nog meer zeggen? Het doet echt enorm veel pijn, zeker ook omdat mijn zoon op komst is. Wij moeten naar het buitenland om te trainen. Desondanks blijft België het land van het motorcrossen. Als je in de buurt van Lommel komt, tref je daar bijna alle topteams aan. Daar vind je nog een van de weinige circuits in België en kun je écht goed worden. Je hebt ook nog Genk en Olmen, maar dan hebben we het zowat gehad. Jammer dat we met zo'n historie van wereldkampioenen zo achteruitboeren. Ik heb het daar heel moeilijk mee."

    Smets: "Het doet pijn"

    Ook Joël Smets, teammanager bij KTM en bondscoach van België, ziet met lede ogen hoe de cross in ons land een stap moet terugzetten. "Het is al tien jaar geleden dat we nog een wereldkampioen gehad hebben. De laatste titel van Stefan Everts dateert van 2006, Steve Ramon werd wereldkampioen in 2007. Dat is helaas al lang geleden", treurt Smets.

    "Zoals Stefan zegt: er is in België een groot gebrek aan infrastructuur, waardoor er te weinig instroom van talent is. Gelukkig doen Jeremy Van Horebeek en Clément Desalle nog mee. We spelen dus nog wel een rol, maar voorlopig niet voor de wereldtitel. Ik zie daar de eerste 3, 4 jaar niet echt verandering in komen, al komt er in de MX2 wel een Belgisch talent aan met de 23-jarige Julien Lieber. De huidige situatie in België doet pijn."