• home
  • video
  • pas verschenen

    Hockeyspeler Van Doren over Dohmen: "Hij is een fysiek monster"

    Van Doren in actie op de Olympische Spelen in Rio.

    Arthur Van Doren heeft van de Internationale Hockeyfederatie de award voor Rijzende Ster van het Jaar gekregen. "Dat ik gekozen werd door mijn hockeycollega's is extra speciaal", zegt Van Doren. Ook voor de beste speler van het jaar, John-John Dohmen, heeft hij lovende woorden.

    "Consistentie is een goede eigenschap van zowel John-John als ik"

    "Zowel John-John als ik waren aangenaam verrast met deze award", zegt Van Doren aan Sporza. "Het is een heel grote eer om in het lijstje van de rijzende sterren te komen. Als ik de winnaars bekijk, staan daar grote kanonnen in. Ik ben heel trots om ertussen te staan."

    Van Doren presteert zowel bij zijn club Dragons als bij de Red Lions voortdurend op een hoog niveau. "Dat is inderdaad een cruciale factor. De kwaliteiten van John-John en mezelf zijn geen fancy dribbels, maar we zijn wél constant in ons spel", aldus de international.

    "Ik denk dat mijn ploegmaats mijn kwaliteiten beter kunnen inschatten, maar ik denk dat ik kalm ben aan de bal. Ik ben nauwkeurig in de passing en win graag de bal terug. Het is altijd goed als ik een tackle maak en zo mijn team help."

    Voor Dohmen heeft Van Doren niets anders dan lovende woorden: "Hij is zeer consistent en fysiek echt een monster. Volgens mij speelt hij zonder problemen twee wedstrijden na elkaar. Hij is ook heel sterk in zijn basic skills en doet zijn job altijd goed. Hij heeft onze ploeg in Rio gedragen."

    Van Doren en Dohmen zijn bescheiden spelen. Van Doren: "Klopt. Wij lopen niet naast onze schoenen en moeten bezig zijn met de manier waarop we gezien worden als ploeg. Ik denk dat we op dat vlak vrij goed bezig zijn."

    "Nu is het kwestie van een groot toernooi te winnen"

    Het wordt een drukke zomer voor de Belgian Red Lions met eerst de World Hockey League en dan het EK. "Het is nu zaak om voort te bouwen op het succes van Rio. We moeten oogsten wat we gezaaid hebben en zeker niet op onze lauweren rusten. Als we de jonge spelers goed inpassen, kunnen we hopelijk een toernooi winnen. Als we in de top 3 willen thuishoren, dan moeten we de grote landen geregeld over de knie leggen. Dat is de stap die we nog moeten zetten."