• home
  • video
  • pas verschenen

    Dedecker en Berghmans: "Judoka's, train weer samen"

    Oud-bondscoach Jean-Marie Dedecker

    Kan het Belgische judo weer aansluiten bij de wereldtop? "Als de huidige generatie meer inspanningen levert, is dat niet onmogelijk", denkt oud-judocoach Jean-Marie Dedecker. "Voer de nationale trainingen weer in", is het advies van oud-kampioene Ingrid Berghmans.

    In de jaren 80 en 90 scheerde het Belgische judo hoge toppen. Robert Vandewalle, Ingrid Berghmans, Ulla Werbrouck en Gella Vandecaveye verzamelden de ene medaille na de andere.

    "Vroeger bestond de top 3 van de wereld uit Japan, Frankrijk en België. Die tijd is voorbij. Nu doen we nog mee, maar niet meer op het hoogste niveau", vertelt oud-bondscoach Jean-Marie Dedecker aan Sporza.

    "Je mag me een oude knar noemen, maar nu hebben de Belgische judoka's wel veel meer middelen en mogelijkheden. Het budget is een veelvoud van vroeger, om de twee weken heb je een toptoernooi en elk jaar is er een wereldkampioenschap."

    "Ik ben niet wanhopig. Op een groot toernooi is het Belgische judo nog altijd goed voor een medaille. Daar kunnen de zwemmers en de roeiers alleen van dromen. Zij juichen al als er niemand verdrinkt."

    "Trek naar Japan en Siberië"

    "Het is te veel ieder voor zich. De bond moet weer structureel werken. De toppers moeten opnieuw samen trainen", is het advies van Jean-Marie Dedecker. "Breng zes weken in Japan door. Of trek vier weken naar Siberië. Als je die inspanningen kan leveren, komt het weer goed met het Belgische judo."

    "Judo is een harde contactsport, waar je keihard voor moet trainen, minstens 30 uur per week. Jongeren wijken uit naar funsporten als snowboarden. Zo gaat dat in onze westerse maatschappij. Nu zijn het de Oostbloklanden die de plak zwaaien in het judo."

    "Stoptrein van Leopoldsburg naar Brugge"

    "Vroeger trainden de Belgische toppers vier uur per week samen, maar die nationale trainingen bestaan niet meer. Dat vind ik raar", stelt Ingrid Berghmans.

    "Wat hebben de toppers er nu nog voor over? Ik nam een stoptrein van Leopoldsburg naar Brugge. Als je die inspanningen niet wil leveren, is het moeilijk om aan de top te geraken."

    Twee decennia lang floreerde het Belgische judo. "Dankzij onze successen heeft in de jaren 80 elke jongere wel een keer op een tatami gestaan. Nu hebben veel clubs het moeilijker om de jeugd warm te krijgen voor de sport."

    "Maar er zijn al altijd uitzonderingen. Hopelijk springt er snel weer iemand bovenuit."

    "Van Snick is een serieuze ippon"

    Bij Charline Van Snick, een van de lichtpunten in het Belgische judo, zijn tijdens het WK in Rio sporen van cocaïne teruggevonden.

    Ingrid Berghmans: "Dat was een serieuze ippon. Voor mij is het geen groot dopingschandaal, maar het Belgische judo heeft er wel onder te lijden. Als Van Snick geschorst wordt, ben ik bang dat het afgelopen is met haar carrière."

    Jean-Marie Dedecker: "Ik neem mijn woorden pas terug als het B-staal negatief is, maar dat is bijna nooit het geval. Jammer, want Van Snick is een vechter, een talent."