De 3 WK-lessen van Wuyts: "Neig naar hardrijders: Dumoulin, Kwiatkowski en... Wellens!"

zo 24/09/2017 - 08:59 Welke lessen kunnen we trekken uit de WK's bij de vrouwen en de jeugd met het oog op de wedstrijd bij de profs? We vroegen het aan Michel Wuyts en die kwam met 3 conclusies.

1. Het parcours boezemt angst in

Het parcours is dubbelzinnig: de aanvalsstroken zijn minder lang dan de recuperatiestroken, maar omdat je op die recuperatiestroken gefocust moet zijn, kun je er niet helemaal op recupereren.

Zo hebben we tot nu toe wedstrijden gezien waarbij renners angst hebben voor het parcours en vooral voor de lengte ervan. Hierdoor stellen ze hun aanvallen uit.

Ik vraag mij af of de profs daar anders mee zullen omgaan. Ik denk dat we net als bij de beloften geen grote verschillen zullen zien in de finale.

2. Tijdrijders zijn in het voordeel

Ik heb gemerkt dat hardrijders op dit parcours net zo goed aan hun trekken komen als punchers. Ik denk aan renners die snel een helling op kunnen en daarna hun voorsprong kunnen vasthouden met een tijdrit. Dat patroon is elke keer teruggekeerd.

Ik neig daarom meer naar tijdrijders die panache hebben en een neus voor het juiste moment, dan naar springveren. Ik denk dan aan Kwiatkowski en Dumoulin. Terwijl ik een week geleden eerder aan een scenario-Matthews dacht.

Ik neem daar nog niet volledig afstand van, maar een fractie aarzeling kan voldoende zijn om ernaast te pakken. Eén keer aarzelen na Salmon Hill en je hangt.

3. België moet Wellens achter de hand houden

Het is absoluut noodzakelijk dat de Belgen in de laatste 2 rondes nog met 4 spitsen zitten. Sowieso Gilbert en Van Avermaet, maar graag ook Wellens. Die heeft een neus voor het juiste moment. Hij kan een aanval plaatsen en ook uitbouwen.

Er zijn ook méér ondernemende landen dan controlerende landen. Misschien valt enkel Australië in die laatste categorie, met Matthews. Italië eventueel ook, maar ik betwijfel of zij alleen op Viviani zullen rekenen.

De andere landen moeten dus iets ondernemen en zijn dan bondgenoten van België. Ik hoop dat ze daar al op 4 à 5 rondes van het einde aan beginnen. Dat is ook voor ons het prettigst.