Gerlo over 7 magere jaren van mannentennis in VS: "Sterk in breedte, geen topper"

do 18/05/2017 - 11:32 Volgende week zondag gaat met Roland Garros het tweede grandslamtoernooi van het jaar van start. De Amerikaanse tennisfans zullen - ook al door de afwezigheid van de zwangere Serena Williams - niet echt wakker liggen van de "French Open". Sporza-tennisjournalist Dirk Gerlo zoekt verklaringen voor de mindere jaren van het Amerikaanse tennis.

De zware erfenis van Andy Roddick

Andy Roddick won in 2010 de finale van het Masters 1000-toernooi in Miami. De Amerikaan kon zich toen wellicht niet inbeelden dat hij tot op vandaag de laatste Amerikaanse winnaar van een toptoernooi bij de mannen zou zijn. En sindsdien zijn er 28 grandslams, 7 Masters en 65 Masters 1000 gepasseerd.

De hoogconjunctuur van het Amerikaanse tennis lijkt dus al een tijdje voorbij, maar wie een blik werpt op de top 100 bij de mannen en de vrouwen ziet toch nog altijd veel Amerikaanse vlaggetjes.

"De VS telt nog 23 spelers in de top 100: 9 mannen en 14 vrouwen", legt Dirk Gerlo uit. "Vergelijk dat met de twee andere grote naties, Spanje en Frankrijk. Spanje komt aan 13 tennissers in de top 100, Frankrijk aan 15."

"De VS is in de breedte momenteel dus nog altijd de sterkste natie. Meer nog, Spanje en Frankrijk hebben bijna geen enkele heel goeie jongere bij hun vertegenwoordigers in de top 100. Amerika wel."

Sterk in de breedte, zonder absolute topper

"De best geklasseerde Amerikaan is Jack Sock (24, foto), de nummer 14 in de wereld. Maar in de top 100 heb je ook Frances Tiafoe (19), Jared Donaldson (20) en Ernesto Escobedo (20). Spelers met die leeftijd kunnen de andere naties niet voorleggen."

"Kijk ook naar de grandslamtoernooien bij de junioren: in 2015 werden 3 van die 4 toernooien bij de jongens gewonnen door Amerikanen."

"Ze hebben dus wel spelers, maar ze hebben alleen geen absolute topper in de top 10. De laatste echt grote naam was Andy Roddick."

Tijd voor verklaringen: waarom zijn er geen Amerikaanse toppers meer?

Populariteit, opleiding en kracht van andere sporten

  • "Tennis is lang niet de meest populaire sport in Amerika. Dat is het eigenlijk nooit geweest. American football, baseball en basketbal zijn de grote sporten, op alle vlakken: commercieel, financieel en qua tv-rechten. Tennis komt veel minder in de belangstelling."
  • "Tennis leeft in de VS maar in drie grote streken: Californië, Florida en de streek rond New York. Daar zijn er nog grote tenniscentra, maar in de buik van Amerika is er zeer weinig. Er worden veel minder spelers opgeleid, al waait er wel een nieuwe wind door de Amerikaanse tennisfederatie, die nieuwe centra wil bouwen."
  • "De jeugd wordt veel meer aangetrokken door sporten zoals basketbal. Dat zijn ploegsporten en de druk komt dan dus niet alleen op jouw schouders te liggen. Als je prof wil worden, valt er ook sneller geld te verdienen in die andere sporten. Je moet al een vrije goeie top 50-speler zijn om echt goed rond te komen, terwijl de koek bij de andere sporten veel groter is."

Vaandeldragers, drempel en college tennis

  • "De voorbeeldfunctie is ook weggevallen. Je had de voorbije decennia onder meer Ashe, Connors, McEnroe, Sampras en Agassi: dat waren vaandeldragers, voorbeelden naar wie ze opkeken. Nu vinden ze voorbeelden in die andere sporten."
  • "Tennis is en blijft een sport waar je enorm in moet investeren. De drempel om in die andere sporten terecht te komen, ligt veel lager. Die worden gedragen door een veel grotere massa."
  • "Wat ook weggevallen is, is het college tennis. Daar wordt veel minder in geïnvesteerd. Bovendien investeert men veel meer in de goeie buitenlanders dan in de Amerikanen. Die evolutie proberen ze bij de Amerikaanse tennisbond te keren, maar ze zien dat het een werk van zeer lange adem is."

Concurrentie, blank versus zwart en manier van spelen

  • "In de glorieperiode van het Amerikaanse tennis - van de jaren 60 tot begin 2000 - had je een heel beperkt aantal toptennislanden. Maar deze sport heeft ook in Zuid-Amerika en Zuid-Europa een enorme boost gekregen. De concurrentie is dus ook veel groter geworden."
  • "Tennis is en blijft voornamelijk een blanke sport in de VS. De tennissers komen meestal ook uit welgestelde families. De spelers die doorbreken, zijn dan meestal zwarte spelers. Bij hen is de drive groter, de anderen hebben de financiële stimulans niet. Dat blijft volgens sociologisch onderzoek een rol spelen."
  • "Het heeft ook te maken met de manier van spelen. In Amerika is er vooral hardcourttennis. De focus ligt op kracht en snel tennis. In Europa en Zuid-Amerika heb je veel meer graveltennis. De spelers die daar worden opgeleid, hebben veel meer geduld en variatie. Het zijn eigenlijk completere spelers. De overstap van gravel naar hardcourt is ook makkelijker dan omgekeerd."

"Net zoals er in Duitsland maar één Steffi Graf is..."

Op welke termijn kunnen de talentvolle jongeren doorbreken? "In de periode van Lleyton Hewitt presteerden de talenten al op 17 à 18 jaar, nu verschuift de piek weer naar 26 à 30 jaar."

De conclusie? Dirk Gerlo: "Net zoals er in Duitsland maar één Steffi Graf is, heb je in de VS maar één Serena en Venus Williams. Alsof het zo vanzelfsprekend is om hen op te volgen, maar dat is het dus niet."